zaterdag 14 april 2018

Witte legging


Is de legging dit jaar opnieuw een verboden kledingstuk? Het ene jaar mag het wel, een volgend jaar weer niet. Het is desondanks een kledingstuk aan mijn been.
Ik ben vrij ongevoelig voor wat wel en niet mag in de ogen van anderen. Iets met leeftijd en wellicht eigen wijsheid. Daarom zeg ik: draag lekker een legging, maar nooit in plaats van of als een lange broek en al zekersteweten niet met je T-shirt er in.
Jullie mannen, moeten er nog verderder van blijven. Net als hoog opgetrokken sokken (in sandalen) onder een korte broek. Please, doe mijn ogen dat niet aan!
 
Terug naar de legging. Geen roze, groene, rode of paarse, maar een witte legging!
Een lieflijk licht roze legging zou perfect zijn, maar die is onvindbaarder dan een witte. Wel loop ik tegen donker blauwe, grijze en zwarte leggings op. Hallo! Het is lente! Weg met die donkere kleuren! Het wordt warmer, de donkere maanden zijn verdwenen in mijn verleden. Toedeloe!
Vraag ik me onwillekeurig af waarom we in de winter sowieso donkere kleuren dragen? Alsof winter al niet donker genoeg is, maken ze onze kleding net zo troosteloos.

Volgend winterseizoen gaan we voor kleur en fleur. Volg mijn voorbeeld van de rode winterjas en banjer lekker kleurrijk en warmpjes mee tussen alle zwart, bruin en donkerblauw.
Hoewel na drie winterseizoenen mijn mooie rode jas rijp is voor de afvalcontainer. In het najaar moet ik op nieuwe-jas-jacht. Ga ik weer voor rood? Misschien paars?

Eerst een witte legging. Toch weer even genoemd, anders vergeet ik ‘m nog.
Het is een vreselijk vuilgevoelige kleur (geen kleur, ik weet het) om te dragen. Zwart verbergt vooral alle vetrollen door schaduwen die onzichtbaar zijn. Terwijl bij een witte legging elk sinaasappelhuidblubbertje extra aangedikt lijkt te worden. Toch draag ik weleens een witte legging, want bij lagere zomertemperaturen hullen mijn pootjes zich graag in een legging. Vooral onder die ene jurk waar alleen wit goed bij staat. Gelukkig valt die jurk precies over te verstoppen bovenbeenvetblubbers. Zo valt er niets te zeuren over de witte legging.
Behalve dat ie bij temperaturen boven de (gokje) 23 graden zijn weg uit vindt!

Dat ik die witte legging zo vaak noem is trouwens tactiek!
De hele week klonk geneuzel over meekijkers achter Facebook en zo. We worden stiekem massaal afgeluisterd, bekeken en gevolgd. Alles wat we doen op het Wurmige Wijdse Web wordt gespot om vervolgens reclame op onze tijdlijnen gepropt te krijgen. Het klinkt alsof achter elk internetdelend apparaat een mannetje of vrouwtje zit (dat is nog eens werkgelegenheid), die de hele tijd meekijkt naar de interessante dingen die wij doen, zoeken en zelfs zeggen.
Zullen we massaal wachten op 5D internet? Dan kunnen ze zelfs mee ruiken en proeven. Eens zien hoeveel Checkmuppets dan verdwijnen!

Tegen de stroom in zeg ik: het is niet waar en dat bewijs ik door de witte legging.
Het werkt niet, want ik zocht een witte legging en bezocht vruchteloos vier winkels. Ik appte mijn dochter via WhatsApp en vroeg of zij er één heeft; ik heb mijn zus gevraagd via Instagram en er één in mijn Instaverhaal genoemd. Ik heb met Marcel, in bijzijn van mijn Phone, gepraat over een witte legging. Hij bleek vooral ongeïnteresseerd (de telefoon). Ik heb op Twitter gereageerd bij @wittelegging dat het wel mag, alleen onder mijn jurk. Alles om die Muppet achter mijn surfgedrag wakker te schudden en me te helpen aan een advertentie.
Hoeveel advertenties werden op mijn scherm gepropt? Nul! Zo zeg ik: er zijn geen meekijkers achter mijn maffe surfgedrag!

Tot ik donderdag op weg ging naar de HEMA. Ik moest daarbij “toevallig” omlopen en belande op de weekmarkt. Wat schetste mijn verbazing? Ik bumpte maar zo into een kousenkraam en wat stond daar te stralen?
Benen van paspoppen (ondersteboven dan wel - blij dat ik geen model ben) met leggings aan en jawel, witte!

Dat beangstigde me dus! Facebook bleef reclameloos, maar volgens mij was Mark Zuikerberg himself in de buurt. Die omweg die ik moest lopen is vast zijn idee geweest. Wij denken dat de gemeente een projectontwikkelaar in de arm nam, maar nee, Mark Zuikerpotje zit er achter. Hij beheert daarnaast ook alle marktkooplui en leidt alles. Niks surfgedrag, het is real life. De ene dag werd Markje geïnterviewd door Amerikaanse sufkoppies die eigenlijk geen idee hebben van wat Facebook is, de andere dag achtervolgt hij mij ongezien over de markt. Die Suikerklont leidt de zaken! Hij heeft Facebook niet nodig, hij dirigeert alles waar je bij loopt!

Blijft het vreemd dat ik na alles over de witte legging nu allemaal jurken zie verschijnen in reclameblokken. Blijkbaar bekeek Spiekmuppet mijn leuke profielfoto en dacht: een witte legging? Echt niet, een zonnige jurk staat jou veel leuker! En geloof me, mijn Spookmuppet heeft smaak!

zondag 8 april 2018

Shizzle

Hij kijkt me aan met een blik van: mam, mam, mam, wat moet er van jou worden?
    Voor de zoveelste keer doe ik iets niet goed in de ogen van zoonlief. Prima voor hem, mij krijgt hij niet meer in de put. Ik heb mezelf way to long omlaag laten halen door omringende mensen, dat is voorbij! Evengoed als het mijn zoon is.
    Hij kijkt belachelijk vaak met een blik alsof het nooit meer goed komt met mij. Ik ben er vooral aan gewend geraakt en lach er hard om. Keihard!

Tot hij me CRINGY (uitspraak: krinsjie) noemde.
    ‘Mama, wat jij allemaal deelt in je instagram verhaal is echt te cringy.’ Door de intonatie hoorde ik dat het alles behalve een compliment was.
    ‘Wat is cringy nou weer?’
    ‘Dat is niet uit te leggen, mama. Dat is alleen te verklaren aan de hand van cringy filmpjes.’
    ‘Heb ik nu geen tijd voor, ik update net mijn verhaal.’

Een dag later vraag ik Senna, Benjamins liefje, om verduidelijking, nadat cringy weer klinkt.
    ‘Iets is cringy als het beschamend is. Als jij je schaamt voor iets wat een ander doet.’
    ‘Ja, dat!’, bemoeit Benjamin zich in het gesprek.
    ‘Dus Benjamin, jij schaamt je voor mijn insta-verhaal?’ Een duidelijk antwoord kreeg ik niet.

Volgens mij gaat het puur hierom: ik ga anders om met mijn verhaal dan hij. Het verschil is snel duidelijk. Hij deelt in zijn verhaal een foto om te zeggen dat hij een nieuwe update heeft. Over cringy gesproken!
    Mijn verhaal is een heel andere story! Het wijst zeker niet naar mijn update. Het staat op zichzelf, wat blijkbaar niet hoort. Daarop weet ik één ding te schrijven: het is gewoon Typisch Irene. Ik doe de dingen de Ireen way! Klaar! Vind je dat niet leuk, prima, ik verplicht je niet tot kijken!’

Wat dit alles alleen maar verduidelijkt is dat we te maken hebben met een generatie-berg, waarbij zoonlief (en zijn generatie) bovenop de berg zit en denkt te bepalen hoe het hoort. Dan is het voor mijn generatie niet moeilijk om als cringy het dal in te worden gesmeten.
    Maar luister! Vanuit het dal klinkt hard gelach! Het is zo heerlijk niet afhankelijk te zijn van de mening van Benjamin en de zijnen. Ik verander niet! Het is veel te leuk om mijn eigen weg te gaan, te doen wat ik leuk vind en vooral mezelf voor gek te zetten. Soms werkt een ander er aan mee, maar altijd vrijwillig.

Om er binnen een paar dagen achter te komen dat er maar één is die echt cringy is. Als in ik schaam me kapot! Onderweg om Senna naar huis te brengen valt het woord SHIZZLE. Het viel ooit eerder.
    ‘Oké, wat is shizzle ook alweer?’ Achterin wordt hard gelachen.
    ‘Benjamin weet je nog dat je mij jouw shizzle hebt gestuurd?’, zegt Senna.
    ‘Dat moet iets heel liefs zijn geweest.’ Ik kijk links van me. ‘Marcel stuur mij eens jouw shizzle?’ Op de achterbank lachen Benjamin en Senna zo uitgelaten, dat ik bang wordt voor openbarstende airbags.
    ‘Mam, je weet niet wat je zegt!’
    ‘Leg uit dan!’
    ‘Weet je wat? Ik stuur je wat Benjamin mij stuurde.’

Niet veel later klinkt een PLING vanuit mijn telefoon. Ik pak snel mijn tas erbij, pulk de telefoon daaruit en bekijk wat mij toegestuurd wordt. Ik schrik verschrikkelijk!
    ‘Heeft Benjamin dit echt naar jou gestuurd? Is shizzle poep?’ Als er geen deur in de auto zat, lag ik nu op de weg.
    ‘Ja!’
    ‘Die jongen is compleet gestoord. Dat stuur je toch niet?’
    ‘Zie het als bewijs van vertrouwen, dat je zelfs dat naar de ander stuurt.’
    ‘ Marcel, vertrouw jij me zoveel dat jij een drol van jezelf zou sturen?’ Zijn stilte is alleszeggend.
‘Beter dit dan naakfoto’s toch?’, zegt Senna wijs.
‘Gelukkig vergeet ik nieuwe woorden heel snel. Weten jullie wat ik leerde tijdens de Basistraining voor Taalvrijwilligers?’
 ‘Nee!’
‘Om een nieuw woord te leren onthouden moet je het in zeven verschillende contexten horen.’
‘Oh, in dat geval. Mam, er zit heel veel shizzle in je oren.’
‘Dat zie jij helemaal verkeerd, er zit vooral een berg shizzle in jouw ogen.’
‘Tjonge, moet je zien hoeveel vogelshizzle op de voorruit zit!’
‘Dan helpt maar één ding: die shizzle weg te wipen met de ruitenwissers en –sproeiers!’
‘Benjamin heb je nieuwe shizzle in je haar? Het zit wel heel goed!’, mengt ineens Celine zich in het gesprek! Waarop Benjamin direct met zijn handen in zijn haar zit.
‘Oh shizzle, mijn haar zit echt heel fout!’ Dat hij dat kan zien in dat kleine spiegeltje dat voorin de auto hangt.
‘Wie nu nog één keer het woord shizzle gebruikt wordt uit de auto gezet!’
Klinkt in koor: ‘dat was zeven keer. Eens zien of je morgen nog weet wat shizzle is.’
‘Poep!’


zaterdag 7 april 2018

Geen predikant? Dan een blogger aan het woord!


Teksten uit de Bijbel:
·         Exodus 23:9a
·         Leviticus 19:33,34a
·         Leviticus 25:35

De ziekmeldingen blijven ons om de oren vliegen. Heb jij dat ook gemerkt?
    Het is echt naar en zielig voor de mensen die ziek werden of uitgeteld zijn. Plannen blijven liggen, werk wordt niet gedaan. Predikanten die hun bed niet uit kunnen. Ik ben er nu klaar mee.

Ik weet ook dat deze heftige virus nog wel even rond wandelt en het ene na het andere slachtoffer maakt. Mijn raad klinkt altijd als volgt: zorg goed voor jezelf, neem extra vitamientjes, neem vooral je rust, ziek goed uit en blijf uit mijn buurt.
    Verder raakte het me niet, hoe bot dat ook klinkt.

Tot Lex zich afgelopen week ziek meldde. En bedankt!
    Het idee van onze Woordsoep Opwekkingsdienst leek compleet in de soep te vallen, want wat mij betreft was Lex vooral degene die als onze woordspeler een mooi en samenhangend verhaal mocht maken van de ingezonden woorden. Ik verwachtte best veel van Lex. Ik geloof in hem.
    We maakten alleen deze afspraak: de woorden die hij niet zou weten te verwerken zouden wij als Opwekkingsteam wel even verwerken in een lied of kinderverhaal. Alles bij elkaar klonk het vooral best wel gemakkelijk!

Tot het woord Axolotl voorbij kwam en ik dacht: één van de inzenders is naar Dierenpark Amersfoort geweest en vond het zo’n intrigerend beestje. Ik vind het vooral een eng, glibberig naakt visbeestding en weet er echt geen raad mee.
    Wilt u meer weten over de AXOLOTL, dan verwijs ik u naar meneer Google. Hij weet alles.
    Door het beestje hier te noemen is bij deze één woord neergehaald. Zo moeilijk was dat niet, hoewel er verder niets zinnigs over gezegd is.

Over de zinnigheid van mijn praatje gesproken, ik ben vergeten om Lex vooral beterschap te wensen! Bij deze kerel!
    En nam de uitdaging aan om het schrijfstokje van je over te nemen. Niet omdat ik goed ben in overdenkingen schrijven. Wel omdat een woordsoep mij als blogger niet vreemd is. Wat mij wel vreemd is, is het te moeten voorlezen in de kerk. Of all places!

Daarom buig ik me EERBIEDIG en vraag om zegen. Zegen van Hem die ons ieder met kwaliteiten toerust. Ik vraag nu om een extra kwaliteitje voordragen. Het is dat nood wetten breekt, anders zou ik hier nu nooit staan. Mijn RESPECT voor Lex groeit. Het voelt best eng om hier te staan!

Dan te weten dat ik de afgelopen week ook onverwacht op onbekende plekken stond. Daar voelde ik me veel zekerder van de zaak. Net als vandaag nam ik de plaats van een zieke in.
    Het publiek waar ik voor stond, was beduidend kleiner, ik voelde minder druk en was meer mezelf. Eerlijk gezegd, was het gewoon leuker werk!
    Vrijwilligerswerk om precies te zijn. Ik heb nooit een baan gehad waar ik zoveel dankbaarheid ervaar. Het werkt twee kanten op: de mensen voor wie ik werk zijn DANKBAAR voor mijn inzet, waar ik dankbaar ben voor het vertrouwen dat zij in mij stellen.

Ik ben taalvrijwilliger en werk op donderdagmiddag in het Wereldhuis. Alleen al de naam vind ik fantastisch. Het is bedoeld voor iedereen - een plek waar je welkom bent. Niemand uitgesloten.
    Het is een oude basisschool die nu gebruikt wordt om eenzaamheid tegen te gaan. Men kan er komen voor koffie, thee, een lunch of warme maaltijd, een praatje, maar ook een stilteviering, handwerken, schilderen en allerlei andere bezigheden.
    Ik zet me daar in als taalvrijwilliger en werk samen met drie andere vrijwilligers om een groep van 12 mensen beter Nederlands te leren lezen, spreken en schrijven.

Op maandagavond ben ik Taalvrijwilliger voor een andere professionele Taalorganisatie (het Taalhuis) in de BIBLIOTHEEK. Daar begeleid ik een vrouw die ik privé ook op donderdag een uur help. Zij woont nog geen half jaar in Nederland maar is zo enorm leergierig en enthousiast. Met zo iemand te mogen werken, vult me met eerbied en ontzag. De band met haar groeit per week en ondanks dat er zoveel nog niet gezegd kan worden, het vertrouwen en begrip is wederzijds. Dat voel ik diep van binnen en zie ik aan hoe ze lacht en straalt.
    Eigenlijk groeien we samen, wat heel bijzonder en ontzettend mooi is om te ervaren. Zij in het Nederlands en ter voorbereiding op haar inburgering, ik als taalvrijwilliger. We helpen elkaar.

Dit werk is op mijn pad gekomen en ik nam het met beide handen en voeten aan. Ik vind het geweldig mooi om op deze manier mensen te laten weten dat zij een plek mogen hebben in ons land. Dat zij hun plaats mogen innemen. Dat zij ruimte krijgen om te werken aan hun inburgering en gesteund worden door organisaties die er voor hen zijn. De taalvrijwilligers zijn een kleine extra schakel.

Anderstaligen te helpen met onze taal is een prachtige manier om te laten zien dat ik hen GASTVRIJ onthaal. Letterlijk met ze bezig te zijn is mijn manier om te laten zien dat ze er mogen zijn. Ieder op hun eigen plek en manier. Met respect als grootste deler.
Zonder woorden is wederzijds respect voelbaar. Dat voel ik in een aanraking, dat zie ik in een glimlach of een uitnodiging voor een kopje koffie bij Barista.

De meesten weten dat ik christen ben en dat ik op zaterdag naar de kerk ga. Het klinkt bijna ongelooflijk in hun oren. Tenslotte hebben ze dat nog nooit gehoord. Moslims hebben de vrijdag als speciale dag; christenen gaan op zondag naar de kerk. Wat ben ik dan als ik op sabbat (zaterdag) naar de kerk ga?
    Mijn antwoord dat ik ‘gewoon’ een christen ben, wordt aangenomen. Net als mijn uitleg waarom ik sabbat vier. Evengoed vraag ik aan een Moslima waarom zij een hoofddoek draagt en gun haar de ruimte voor haar gebed. Ik leer dat dansen mag, maar niet als er een man bij is.
    Toen de verwarming in het gebouw kapot was en we even wilden dansen om op te warmen, straalden een paar mensen, want warm worden was een grote wens. Het ging niet door, er waren twee mannen in het gezelschap, hen wegsturen was de slechtste optie. Dan maar kou.
    De verschillen, soms best wel onbegrijpelijk, soms intens mooi, worden allemaal in wederzijds respect besproken. Alles mag er zijn in vertrouwen van acceptatie.
    Ik vind het Wereldhuis een maatschappij in het klein. Als het daar zo goed kan gaan, waarom dan niet in de hele wereld?

Weet u trouwens dat een VEILIGHEIDSSPELD heel goed past bij het werk met en voor wat ik noem Medelanders? Ik hoorde een paar jaar geleden dat het staat voor veiligheid en respect. Een bewijs dat ik niemand kwaad wil doen, dat de ander veilig is bij mij.
    Meer nog is het een veiligheidsteken voor iedereen: van vluchtelingen, statushouder, STRAATKRANTVERKOPER, groenteboer, de anders-geaarde, tot heel dichtbij, mijn buurvrouw. Niemand uitgezonderd. Voor iedereen draag ik een veiligheidsspeld op mijn jas.
    Ik heb nog eens opgezocht hoe het zit en ontdekte dat het dragen van een veiligheidsspeld gekoppeld is aan de uitslag van het referendum over de Brexit. Steeds meer mensen in Groot Brittannië maakten melding van racisme. Een vrouw bedacht deze simpele manier - een veiligheidsspeld zichtbaar op je kleding te dragen - om te laten zien dat ze tegen racisme is.
    Ook is het gebruikt als beweging in Amerika om te laten zien dat mensen tegen de neerbuigende uitspraken van Trump zijn. Ze wilden laten zien dat zij geen verschil willen en zouden maken in hun oordeel over wie dan ook, zoals Trump wel deed.

Ik draag een veiligheidsspeld als teken dat mensen veilig zijn bij mij. Dat ik hen accepteer zoals zij zijn en hen met vriendschap en liefde wil benaderen. Ik wil dat zij weten dat ik hen respecteer, dat ik tijd in hen wil investeren, een stukje eenzaamheid wil wegnemen. Ik kan niet iedereen helpen, maar ontmoet ondertussen verschillende mensen die ook voor de gezelligheid bij de taallessen komen. Het is er inderdaad gezellig, terwijl daar ondertussen onbewust zoveel wordt geleerd.

Wat mij betreft spelden we allemaal zo’n veiligheidsspeld op onze kleding. Bij deze deel ik ze uit, speld ‘m op je jas, trui, shirt of jurk. Wil iemand ze uitdelen?
    Zijn wij het de wereld, ons klein wereldje, de plek waar wij leven, het niet verplicht omdat wij Gods kinderen zijn? Liet Jezus ons niet zien de ander te accepteren? Er te zijn voor hem of haar? Bood Jezus niet zelf een veilige plek aan voor wie de weg kwijt was, voor de persoon die door de mensen was verlaten? Voor de eenzame zondaar? Jezus bood zelfs VERGEVING!

Volgens mij kunnen wij in deze een sterke EENHEID vormen. Samen gaan voor een samenleving zoals God die heeft bedoeld. Waarin ruimte is voor iedereen! Het begint klein, maar wordt groter, dat geloof ik. De eerste stap is er te zijn voor één iemand en ik geloof dat als je het wilt er meer zullen volgen. Ik geloof dat God zo werkt. ADRA zegt hetzelfde: helping one person at a time!
    Gisteren las ik dit: “Als je honderd mensen niet kunt helpen, help er dan eentje.” Het zijn woorden van moeder Teresa.

Waar ieder met zijn of haar talenten aan de slag gaat, ben je van betekenis. Hoe klein ook, het is jou kunstvorm. Zie je talenten als je werk en ga als KUNSTENAAR aan het werk. Samen maken we er een mooi werk van.
    Ik geloof daarin dat ieder op weg kan gaan voor de ander. Daarin zullen we ontdekken te groeien. Naar elkaar toe, maar vooral naar God toe. Volgens mij is dat waar het om gaat. Een plek van veiligheid voor iedereen. Waar niemand de ander wegduwt maar juist omarmt, gewoon omdat hij er is, omdat zij er is!

Een kind van God!



Ingezonden woorden:
-          tevreden – gebruikt in het kinderverhaal
-          respect – bibliotheek – dankbaar – straatkrantverkoper - gastvrijheid – vergeving – eenheid – eerbiedig – Axolotl – veiligheidsspeld - kunstenaar - Adra
Aan jou om de fout op te zoeken! Ik maakte één fout! I’m only human, gelukkig!