zaterdag 17 oktober 2020

Gewoonte

Het is 22.45 uur:
    ‘Irene, zet de wekker maar op 07.15 uur.’
    ‘Huh? Niet zoals altijd 06.45 uur?’
    ‘Nee, ik had vandaag weinig werk.’
    ‘Wat heeft dat met morgen te maken? Straks staan ze morgen om 07.30 uur op de stoep.’
    ‘Dan hebben ze pech!’ Wauw, dat mag hij vaker zeggen. Niet dat van die pech, maar dat van de wekker en 07.15 uur. Ik draai me om en druk de tijd een half uur vooruit.
    ‘Dit voelt fantastisch! Kunnen we dit niet altijd doen?’
    ‘Nee!’, klonk Marcel streng. ‘We doen dit één keer, anders wen je er aan.’
    ‘Oh zeker, NOG ÉÉN KEER EN IK BEN GEWEND. Dan ziet die wekker nooit meer een cijfer met een zes er in.’ Ondertussen bedenk ik hoe ik dat voor elkaar krijg.

Wakker liggen

Kijk zelf eens naar 06.nog-wat-uur. Het klinkt, oogt en voelt als een vreselijk tijdstip om door de wekker ruw, luid en hard uit heerlijk dromenland te worden geramd. Hoor ik sommigen zeggen:
    ‘Maar juist dan droom ik niet prachtig en ben ik allang aan het werk.’
    Voel ik intense respect voor jou. Heb jij wel een leven? Ik gun je ochtendmenselijkheid, anders kan het niet bestaan. Ik droom graag verder.
    Dat heeft te maken met het verloop van mijn nacht. Ik lig nogal eens wakker. Dat is niet omdat ik dan een liedje zing, dansje oefen of een eitje bak. Nee, dat is omdat ik gewoon ergens wakker van word. Gelukkig slaap ik meestal weer snel in.

Weer zo’n week
De laatste week veranderde dat weer. Alleen al het inslapen was drama. Alsof dat al niet zwaar genoeg was, werd ik per nacht vier of vijf keer wakker en wel op tijdstippen die ik niet eens durf te noemen. Waarom ik wakker wordt? Geen idee.
    Dit weet ik wel: ik wil slapen!!! Het wakker liggen is weggegooide tijd, verspilling van rust en kost me het herstel van energie voor de nieuwe dag. Ik roep al haast: HELP!!!
    Dat voor één keer de wekker op 07.15 uur staat voelt daarom tof, kan ik eens even langer dromen. 

Gedraai
De wekker gezet, draai ik me om, blik op manlief gericht. Hij slaapt al. Ik sluit mijn ogen. Om me al snel op mijn rug te draaien. Hopend dat ik dan lekkerder lig. Na een paar minuten draai ik door en zoals je al verwacht nog even later lig ik op mijn buik. Armen onder het kussen en al die tijd mijn ogen dicht. Want, zo zegt Marcel altijd:
    ‘Je moet gewoon je ogen dicht doen.’
    ‘Ja, duh, die sluit ik, maar ik ben niet als jij.’
    ‘Hoezo als ik?’
    ‘Jij slaapt al voordat je hoofd het kussen raakt. Op het moment dat jij die ruikt, ben je bewusteloos. Daarmee valt je hoofd gewoon vanaf een paar centimeter PLOP op het kussen. Ik snap wel waarom jij een zacht kussen wilt.’
    ‘Wat heeft dat ermee te maken?’
    ‘Als je hoofd valt, wil je een zachte landing.’

Dansje
Niet getreurd, ergens in de nacht val ik heus wel in slaap tot ik wakker word en het gevoel heb dat ik al heel lang slaap. Zegt de wekker: 23.24 uur. Ik geef de moed niet op, draaikont weer van buik naar linkerzij en alle andere kanten. Nu ik dat zo schrijf, besef ik dat ik dus wel in bed dans. Ik moet er misschien een wals van maken en gaan tellen: één schaapje, twee schaapjes, drie schaapjes en ik draai weer door, vanaf het begin.

Half acht
Over begin gesproken. Na wat slaapschokken van manlief die ik via zijn hand tegen mijn romp voel, begint hij te snurken. Ik zeg niks, hij beweert nog altijd in alle hoogten, laagten en toonaarden dat hij niets hoort. Wat moet ik daarmee?
    Precies! Draaien op mijn rechterzij en mijn oor diep in het kussen drukken en slapen tot ik voor de vierde keer wakker word en de wekker 06.34 uur toont. Ik ga nog één keer slapen en beland eindelijk in heerlijk diep dromenland.
    Waar ik over droom? Dat manlief met pensioen is en de wekker altijd op 07.30 uur staat en geen seconde eerder. Luister zelf even hoe alle verschillende tijden klinken:
    06.45 uur - kwart voor zeven. Het klinkt lelijk en oogt onooglijker. De zes moet weg.
    07.15 uur - kwart over zeven, klinkt nog slecht door die zeven, maar oké, de zes is verdwenen. Het is ietsiepietsie beter!
    07.30 uur – luister nou zelf: half acht. Hoe heerlijk! Niet belachelijk vroeg en zeker niet te laat. Het klinkt hemels… en de wekker gaat:
    ‘PieperdepiepPieperdepiepPIEPERDEPIEP!’
    Bam! Uit!

Gewend
De dag begint, gaat z'n gang en ’s avonds vinden we ons bed. Ik wil de wekker weer op 06.45 uur zetten. Zegt manlief:
    ‘Laat maar op 07.15 uur staan.’
    ‘TOP!’
    Wat schreef ik aan het begin?

zondag 11 oktober 2020

Egoïstisch

Ik ben niet zo van het egoïstische. Wat ik niet zeg om me op de borst te staan – in dat geval valt nergens op te slaan, als je begrijpt wat ik bedoel en zo niet ook goed. Feit blijft dat als ik iets lekkers te eten heb en het niet genoeg is voor iedereen, ik het altijd de ander gun, hoe lekker ik het ook vind.
    Is er nog één Danio-toetje, dan mag Rick het hebben. Tel ik maar één tompouce, geef ik ‘m mijn manneke, tenslotte mag hij er nog van groeien op buik en heupen. Vult een laatste mango de fruitschaal, gun ik ‘m Celine en Benjamin krijgt het laatste ei.
    Voor Lara was er carpacciosalade. Benjamin vond het vooral stom dat ik weggaf wat ik voor Celine en mezelf had gekocht. Ik kon niet weten dat Lara het ook lust. Juist daarom gaf ik het haar.

Salade
De trouwe bloglezer weet dat ik alleen moeite heb met het delen van salade. Hoe suf en maf ook: sla, komkommer, tomaat, rood uitje en wat er verder bij past, vermengd met een lekkere slasaus, is voor mij echt het lekkerste dat er is. Alles geef ik met gemak weg, maar salade? No way, als ik salade moet delen, maak ik gewoon een extra groot portie. Zo blijft er altijd genoeg over voor mij. Schuilt daar dus toch een salade-egoïsme in mij.

Middagdutje
Tot vorige week zaterdag er een nieuw egoïsmetje bij kwam. Ik had een off-day met  zo’n hoofdpijn dat ik er scheel van keek en ervoor koos te gaan slapen. Met al mijn hobby's en bezigheden is overdag slapen not done. Het is pure wegsmijterij van kostbare tijd. Mij tref je niet slapend aan. Daarmee zeg ik niet dat ik nooit toegeef aan zware ogen waarbij mijn oogleden de strijd winnen. Als ik precies dan net te lang onderuit hang, slaap ik. Die keer is op één vinger te tellen, één keer per jaar. 

Gehorigheid
Vorige week zaterdag besloot ik een enorme stap verder te gaan. Nog vol in de blog van vorige week, sloot ik de laptop, strompelde naar boven, plofte op bed en gaf toe aan hoofdpijn en vermoeidheid. Ik sliep overigens omringd door allerlei geluiden en onrust.
    In de kamer naast me keken ze een film. Geloof me, de muur tussen die en mijn slaapkamer is dun.
De andere aangrenzende kamer werd gevuld met gepraat en muziek van een ukelele. Gelukkig kan ik het geluid reduceren door op mijn rechter oor te liggen, want de linker oor hoort amper geluid. Helaas klonk de bas van de film aan de ander kant van de muur door via mijn kussen.
    Nog jammerder is dat ik niet veel beter op stond. Ze zeggen dat wat er ook aan de hand is: chocolade begrijpt en thee helpt? Ik koos beide met het idee dat het dan dubbelop moest werken. Gelukkig werd ik iets sneller wakker.

Herhaling
Ondertussen was het etenstijd. Mams inventariseerde de inhoud van de koelkast en zag zes kipvleugeltjes. Ik rekende even hardop:
    ,Vier inwonende gekken plus twee geliefden is zes! Ieder een? Dat is flut! Vanavond zijn de kipkluifjes voor mij alleen.’ Wetend dat manlief ze lekker vindt, zoonlief ze lust, dochterlief ervan smult, Rick ze wenst en Lara… Dat wordt een andere blog. Wat bleef? Ik was bereid ze te delen met mijn lief, me herinnerend dat ik eerder bijna ruzie kreeg om dit soort knabbels, lees maar hier.
    Marcel zei:
    ,Irene je mag ze hebben,’ en keek me meelijdend aan. ,Jij hebt een zware dag, geniet ervan.’ Waarna ik ze verwarmde en me erop verkneukelde.

Dwang
Eenmaal aan tafel, ieder een gerecht naar keuze, want zaterdag is kliekjes of maak-maar-wat-je-wilt-dag, kwam mijn pannetje met kipvleugels erbij.
    ,Zo, nu ga ik lekker genieten…’
    ,Van je kluifjes,’ vulde Marcel aan. Kijkend in het pannetje voelde ik toch wat schuld opkomen, zoals altijd als ik egoïstisch ben. Zes vleugels, zes tafelgenoten. Ik keek rechts van me, naar Benjamin.
    ,Zal ik dan toch maar delen, voor ieder één?’
    ,Mam!,’ zei hij beslist. ,Nee! Jij eet ze nu op ook.’ Vier anderen vielen hem bij. Als kleinste in mijn gezin voelde het of een vloedgolf van dwang over me heen kwam. ,En als jij ze niet snel opeet prop ik
ze eigenhandig in je mik,' vervolgde Benjamin in zijn herkenbare taal. Marcel vulde aan:
    ,Ik stel het even scherper, als jij nu niet snel een hap neemt, kom ik wel even proppen.’ Hij stond al bijna op om van zijn kant naar mijn kant te lopen. Celine vond dat ik vooral snel moest beginnen voordat zij me zelfs dwong de botten op te eten. Het werd steeds gekker, wat een opdringerigheid.
    Wat blijft? Ze smaakten ineens zo lekker niet meer, ze smaakten voortreffelijk!



zondag 4 oktober 2020

Ontgluren

Ze dubt: deel ik deze blog nu of bewaar ik ‘m voor volgend jaar.
    Hoor ik jou vragen: Volgend jaar? Moet ik zo lang wachten? Ben jij helemaal gek geworden?
    Ik ben absoluut gek. Je weet niet half hoe. Eergisteren stampte ik in plassen, gisteren stak ik mijn tong uit van achter mijn mondkapje en vandaag… Nee, ik vertel niet alle gektes. Het is beter jou in bescherming te nemen.

Teleurstelling
Het is natuurlijk helemaal niet gek om die blog te schrijven die sowieso bedoeld was voor 4 oktober 2020, vandaag dus. Waarom uitstellen wat voor nu geldt? Temeer omdat het volgend jaar onmogelijk zondag 4 oktober kan zijn. Er bestaat geen zondag 4 oktober in 2021, wel een zondag 3 oktober. Blok die datum meten even. Zet 'Gluren bij Typisch van Valen' tussen 12.30-18.00 uur in het Eetatelier in je agenda.
    Dan schrijf ik nu alsnog de blog. Eigenlijk een aftreksel van de blog de ik wilde schrijven, want Gluren bij de Buren (GbdB) 2020 werd afgelast. Die vieze stink corona gooide alles overhoop. Hoe begrijpelijk ook, de teleurstelling was groot. Wat mij betreft het meest voor de organisatoren die zich enorm inzetten om met de toen geldende regels alles rond te breien en het lukte. Tot de maatregelen veranderden en BAM! GbdB werd gecanceld!

Interview
Terecht belde Jeroen van der Maat, kok bij het Eetatelier, me op met zware teleurstelling in zijn stem:
    ,Gecondoleerd!’, zei hij. We voelden ons verslagen in al het verheugen. Onze net opgepakte samenwerking en het gedeelde enthousiasme en plezier raakten in shock. Net toen de voorpret los ging, was het over en uit. Geen GbdB voor ons. Wij zouden ons act showen in het Eetatelier, wat het gevolg is van een vraag van mijn redacteur:
    ,Irene, wil jij een interview doen met Jeroen? Het moet gaan over zijn werk bij het Eetatelier en de invloed van corona?’ Een bijzonder interview volgde, want ik ontmoette een man die met plezier en passie vertelde over zijn werk, zelfs in tijden van corona. Corona verandert niet alles! Iedere keer dat ik Jeroen ontmoet, zie ik zijn enthousiasme en grote glimlach. Bewonderenswaardig, I drink to that.

Samenwerking
Na het interview en het lezen van mijn naam, legde Jeroens vrouw de link tussen GbdB en mij. De eerst volgende keer dat ik met de laptop onder de arm bij het Eetatelier binnenwandelde, vroeg Jeroen:
    ,Deden jullie vorig jaar mee aan GbdB?’
    ,Ja, hoezo?’
    ,Tijdens het interview herkende ik je al, maar ik wist niet waarvan. Mijn vrouw zag de link tussen jou en GbdB. Wat jullie lieten zien was bijzonder. Jullie toonden wat GbdB ten diepste is - een act waarin je laat zien wat je als gezin doet.’
    ,Ik vind vooral heel kneuterig wat ik doe. Mijn dochter is de bomb!’
    ‘Dat is wat GbdB volgens mij is. Niks professioneel, maar juist huiselijk.’
    Bij navraag herinnerde Marcel zich inderdaad een dolenthousiast jong echtpaar met dochter. Hij zei:
    ,Zij beloofden volgende keer weer te komen en vrienden mee te vragen.’ Toen lande bij mij een kwartje. Ik herinner me die enthousiasme en de angst… nog meer kijkers?

Kijkcijfers
Inderdaad meer kijkers en niet omdat Jeroen vrienden mee vraagt. Hij kwam met een spannender idee:
    ,Ik vraag mijn baas of we jullie in het Eetatelier kunnen uitnodigen voor GbdB. Zeker met de coronamaatregelen is hier meer ruimte om meer mensen toe te laten. Ik gun jullie dat.’ Die zag ik niet aankomen. 
    ,Wauw, fantastisch, tof, maar voer jij vooral de spanning op! Nog meer mensen die komen kijken,’ bloosde ik. Hij heeft geen idee hoe eng ik het al vind, laat staan daar.
    ,Irene, doe het! Laat mensen hier zien wat GbdB is.’

Extraatje
Ondertussen wandelden Jeroens vrouw en dochter binnen.
    ,Nou,’ zei Jeroen: ,hier zit de journalist die mij laatst interviewde.’ Jeroen vertelde me dat zijn dochter een spreekbeurt voorbereidde over het artikel dat ik over hem schreef.
    ,Kan deze journalist iets voor je doen zodat je spreekbeurt nog leuker wordt?’, vroeg ik haar. Ze keek me verrast aan.
    Lang verhaal kort? Een week later werd ik geïnterviewd via een life-stream in het klaslokaal op de basisschool van Jeroens dochter. Het ging over mijn werk als journalist voor Houtens Nieuws. Daarna mochten leerlingen vragen stellen. De eerste vraag was:
    ,Heb je huisdieren?’
    ,Dat hangt ervan af of mijn man en kinderen daarin meetellen. Dan ja! Anders niet.’

Verheugen

Zo blijft een warme lijn tussen Jeroen, het Eetatelier en ons. Naast een favoriete werkplek, gezellige babbels en lekker eten, staan wij volgend jaar in het Eetatelier bij GbdB. Laten we even eerlijk zijn. Het klinkt toch wel tof dat wij optreden in het restaurant waar Youp van ’t Hek 2 oktober 2020 gegeten heeft. Dat geeft toch extra gewicht?
    Tot dan of misschien al eerder?

zaterdag 26 september 2020

In de hoek

    ‘Celine, waar wil je komende mummy-daughty-evey heen? Il Pozzo zie ik niet zitten, maar wat dan?’
    ‘Mam, wat denk je van lekker dicht bij huis?’
    ‘Ik hou van dicht bij huis, als je Ming&Ming bedoelt.’ Celine knikte hard op en neer. Die deal was rond en werd later op tafel naast de bloemkool voorgeschoteld. Werd ik me toch teruggefloten door Benjamin!
    ‘Mama, het is mum-sun-evey. De vorige keer bestelden papa en ik pizza en keken een film.’ Marcel knikte al kauwend op een hapje kipschnitzel met Benjamin mee. Celine keek me wat teleurgesteld aan en zei:
    ‘Zij kunnen wel eens gelijk hebben mama.’
    ‘Tja, ik ben soms echt een vergeetachtige muts,’ en schakelde snel over op Benjamin: ‘Wat wil jij doen op mum-sun-evey?’
    ‘Mam, ik wil iets heel origineels doen. Wat denk je van Ming&Ming?’
    ‘Wat een ongelooflijk goed idee!’
    ‘Dat gaan wij ook doen, Celine?’, klonk mijn man alsof de kans anders voorbij vloog.
    ‘Doen we,’ antwoordde madam, maar ik wil hun niet zien hoor.’
    ‘Mooi, wij jullie ook niet. Zal ik die tafels maar reserveren?’, katte ik terug!

Verwarring
Omdat we aan het natafelen waren en mobieltjes niet mee mogen eten, stond ik op, pakte mijn phone van het aanrecht en belde ons favoriete restaurant. Vier mensen, Lara at mee, luisterden het gesprek dat zich aan hun oren opdrong af.
    ‘Goedenavond, met Irene, ik wil graag twee reserveringen doen.’
    ‘Ik pak even de planning erbij. Voor welke data wilt u reserveren?’
    ‘Alleen voor 24 september.’
    ‘Voor hoeveel personen?’
    ‘Nou, voor twee keer twee personen.’
    ‘Dat zijn dus vier personen?’
    ‘Ja, maar ik bedoel: twee tafels voor twee personen.’
    ‘Dat is toch een tafel voor vier personen?’
    ‘Wel als we samen zouden willen eten, maar dat willen we niet!’ Ondertussen begonnen mijn tafelgenoten te lachen. Ik hield me met moeite in.
    ‘Wilt u echt twee tafels voor twee personen?’
    ‘Ja. Zet je ze ver uit elkaar! Ik weet, het klinkt absurd, maar ik ben serieus,’ zei ik ondertussen hard lachend. ‘Ik leg het graag even uit. Heb je tijd?’
    ‘Ja hoor.’

Uitleg
    ‘Het zit zo,’ begon ik aan de telefoon. ‘Het is moeder-zoon en vader-dochter-avond. Iedere vier weken wisselt deze samenstelling. Over vier weken is het moeder-dochteravond. Nu wil het geval dat wij allemaal bij jullie willen eten, maar vooral apart.’
    ‘Oké, jullie willen niet bij elkaar.’
    ‘Dat zei ik. Als ik het scherper mag stellen: ik wil mijn man en dochter gewoon helemaal niet zien.’
    ‘Zal ik hen in de andere ruimte zetten?’
    ‘Ach mevrouw, zo agressief wil ik het niet spelen, maar zet ons aan de ene kant van de ruimte en hen aan de andere kant.’
    ‘Wilt u bij het raam?’
    ‘Waar zitten mijn man en dochter dan?’
    ‘In de hoek!’
    ‘Nu begrijpen we elkaar. Perfect!’ Ik lag dubbel, waar de vrouw aan de ander kant behoorlijk serieus bleef.
    ‘Hoe laat komen jullie?’
    ‘Mijn zoon en ik om 18.00 uur en mijn man en aanhang om 18.05 uur. Ik wil echt niet tegelijk binnenwandelen.’

Gesnopen?
Vervolgens liet ik onze gegevens achter en groette de vrouw aan de andere kant van de lijn met vochtige ogen. Ik had zelden zo’n lachwekkend raar gesprek. Wat bleef was afwachten of het echt goed opgepakt werd op het moment dat wij gescheiden van elkaar binnen wandelden. Verschillende medewerkers van Ming&Ming kennen ons als gezin.
    Nog amper de telefoon weggelegd, zag ik mijn man en dochter met elkaar smoezen.
    ‘Benjamin jij hebt toch wel gehoord wat zij ondertussen bekokstoven?’
    ‘Nee, mam, ik staar me blind op Lara.’
    ‘Nou, lekkere informant ben jij. Volgens mij spreken zij al af als eerste aan te komen bij de Chinees.’
    ‘Gesnapt!’, zei Marcel blozend.
    ‘Mijn zorg is of wij elkaar echt niet zien in het restaurant?’, zei Benjamin terecht.
    ‘Dan vragen we geld terug! We hebben nog zo gezegd, dat we elkaar niet willen zien. Wat is daar niet aan te begrijpen?’, merkte Celine op.

Check
Een dag voor onze dates, belde de bedrijfsleidster ons.
    ‘Ik zie dat jullie twee tafels hebben gereserveerd, moet dat niet één tafel zijn?’
    ‘Nee!!!’, schreeuwde ik bijna in de telefoon. ‘We willen zo ver mogelijk en onzichtbaar uit elkaar.’ Ik
legde het hele verhaal weer uit. Met haar:
    ‘Oké, dan begrijp ik het,’ kon het niet meer mis gaan.

Wegwezen
Zo zaten we afgelopen donderdag bij Ming&Ming. Marcel en Celine aan een tafel tegen de muur. Het was niet echt een hoek. Dat was ook niet nodig, laat anderen maar in de hoek zitten. Benjamin en ik zaten bij het raam. Hij keek rond en schrok:
    ‘Mama, ik zie papa!’ Hij pakte zijn phone, maakte een foto en toonde mij het bewijs.
    ‘Eten jongen! Deze avond kost ons niets!’
    ‘Echt waar?’
    ‘Natuurlijk! Als wij klaar zijn rennen wij de zaak uit, komen zij achter papa aan.’

zaterdag 19 september 2020

Huis uit

    
‘Mam, wie denk jij dat het eerst het huis uit gaat?’, vroeg Benjamin en stak een hap bami goreng in zijn mond. Zonder nadenken flapte ik er uit:
    ‘Celine.’
    ‘Echt?’
    ‘Ja, want zij is over twee jaar klaar met haar studie en wil dan verder met Rick. Oh, wacht, geen idee of dat haalbaar is, want Rick moet dan nog twee jaar naar het HBO. Eigenlijk denk ik dat jij eerder het huis uit gaat.’
    ‘Dat denk ik ook.’
    ‘Wanneer ga je?’
    ‘Binnen nu en twee jaar ben ik weg!’ Hij klonk al bijna opgelucht.
    ‘En wie span jij dan voor je karretje?’
    ‘Voor welk karretje mama?’
    ‘Nou, voor alle huishoudelijke taken die je nu al niet doet? Iets met de was, vaat en opruimen. Laat staan je kamer stoffen en zuigen. Je kijkt zelfs nu of ik het over een besmettelijke ziekte heb.’
    ‘Jij poetst mijn kamer, zoals afgesproken omdat ik kostgeld betaal.’
    ‘Ten eerste is dat smartengeld en ten tweede is de afspraak dat jij je kamer opruimt voordat ik de stofdoek er doorheen haal en wanneer doe jij dat?’
    ‘Uhm, ja, ik ben druk.’

Ongeschikt
Daar zei die man een waarheid als een koe, eigenlijk meer een stier. Hij komt zelden beneden en nog minder buiten. Hij werkt alleen maar of ontspant ook weer bij de computer met een VR-headset op. Toch wat beweging, denk ik opgelucht. Voor de rest laat hij een ander opdraaien.
    Eigenlijk vind ik hem ongeschikt om het huis uit te gaan, hoe graag ik hem zou zien gaan. Bot hè? Ik wil namelijk mogen genieten van een stil, leeg huis, voordat Marcel met zijn werkkoffer thuis komt en zegt:
    ‘Ik ben er helemaal klaar mee, wij gaan rentenieren.’
    Vorige week nog op de roze wolk, dender ik nu op een donderwolk. Ik moet my case resten: ik zal nooit meer alleen thuis zijn en huil een regenbui.

Regelmaat
Raar eigenlijk hoe ik jarenlang het gezinsleven zo enorm koesterde; me verheugde op alles, behalve een leeg nest. Eerder zag ik mezelf met een theedoek, want een zakdoek is te klein, dus eigenlijk is een badhanddoek sowieso het beste, mijn tranen van de wangen vegen, omdat mijn bloedjes hun thuis achterlaten.
    Hoor me nu! Madam puber 2.0. Het kan me niet snel genoeg met de rust in huize Typisch Irene. Iemand heeft behoefte aan ruimte, rust en vergeet regelmaat. Met de krant als werkgever is regelmaat ver te zoeken. Dat verbaast dan ook weer, want boy, wat leunde ik altijd goed en graag op een strakke regelmaat. Zo verandert er nogal wat, zelfs mijn eigen verwachtingen. Het lijkt wel of mijn ideeën, wensen en dromen steeds meer overhoop liggen. Ach ja, het is overduidelijk: ikzelf lig overhoop. Wend ik me even tot de ervaringsdeskundigen: het komt wel goed? Toch? Please, zeg ja!
    Eigenlijk weet ik wel zeker dat de hele coronacrisis hier mede debet aan is. Voor corona leefde ik een leven waarin ik mezelf twee of drie dagen per week wentelde in mezelfigheid. Dat vond ik heerlijk lekker.

Directeur
Toen kwam Benjamin met de vraag wie het eerst het huis uit gaat.
    ‘Jij hoopt natuurlijk dat Celine binnenkort vertrekt, dan kun jij haar kamer inpikken.’
    ‘Die kamer is niet eens waar ik aan denk, mama.’
    ‘Dat is maar goed ook, want als madammeke weg is, pik ik die kamer in. Waar gaat het wel om dan?’’
    Het komt er uiteindelijk op neer dat Benjamin onder onze neus en Lara diep in de ogen kijkend zegt:
    ‘Ik ga in ieder geval niet het huis uit als ik dan alleen woon.’
    ‘Is dit een huwelijksaanzoek aan Lara? Dat kan romantischer schatje,’ lach ik hard.
    ‘Nee mam, dat alleen wonen vind ik maar niks. Ik vind het best als jullie een paar daagjes weg zijn, een weekend kan ook nog wel, maar langer dan dat? Dat is echt verschrikkelijk saai in huis!’
    ‘Doe mij een week alleen!’, roep ik uit, waarna Marcel me beteuterd aankijkt. Ik vervolg met: ‘met Marcel!’ Hij lacht weer!
    ‘Mam, even serieus. Alleen wonen is toch niks aan?’
    ‘Wees gewoon eerlijk Benjamin. Jij wilt een hulpje die alles voor je doet. Dus Lara moet mee.’
    ‘Eerst wil ik mijn HAVO diploma halen,’ zegt zij wijs. Die halen is haar uitdaging voor 2021. Wat ze daarna wil studeren weet niemand. Benjamin weet dit:
    ‘Zij wordt met gemak leidinggevende. Zij stuurt graag mensen aan.’ Waarop Marcel zich naar Lara omdraait, haar diep in de ogen kijkt en zegt: 
    ‘Als jij Benjamin zo ver krijgt dat hij zijn troep opruimt, zijn vieze was en de sokken niet binnenste buiten in die mand gooit, zijn schone was netjes opbergt en alle vuile vaat voor het avondeten naar beneden brengt, wordt jij met zekerheid directeur bij Shell.’
    ‘Dat wil ik zien. Ik zit eersterangs.’





zaterdag 12 september 2020

Brievenwasserette

Wat een week!
    Het ging van twee bibliotheken, naar een interview, een kringloopwinkel en het bos - van energie krijgen tot instorten. Allemaal omdat ik de afgelopen week zulke leuke dingen ondernam en vooral mijn grenzen enorm voorbij ging. Of dat laatste wijs is? Time will tell. Tot dan ga ik door, want het is allemaal zo ontzettend gaaf.

Thuisblijvers

Hoewel ik die eerste zinnen vol goede moed op mijn beeldscherm mikte, moet ik de keerzijde erkennen. Hoe drukker ik ben, hoe minder bloginspiratie ik ervaar. Alsof ik door alle werk dat ik doe, minder oog heb voor mijn eigen verhaal.
    Wat zeker meespeelt zijn de kinderen of eigenlijk hun afwezigheid. Zij zijn er minder bij. Wat zeg ik nou? Zij minder aanwezig? Echt niet! Eentje is fulltime thuis als hij niet bij zijn vriendin is. Hij loopt zijn stage thuis. De ander loopt stage in groep 5, gaat regelmatig naar haar vriendje en telt in acht weken twee fysieke schooldagen. Waar is ze de rest van de tijd? Thuis!
    Hoe dan input voor mijn blogs missen als zij zoveel thuis zijn? Dat heeft alles te maken met het feit dat zij mij loslaten en ik daarmee ook vaker mijn eigen gang ga. Best lekker hoor, zolang thuis maar onze basis ligt. Voor mij voor altijd, voor de kinderen voor onbepaalde tijd.

Overvol
Soms maken zij die basis voller dan het al is. Daarmee is de titel van mijn tweede boek vastgesteld. Het vervolg op ‘Vanuit mijn Eierdopje’ wordt ‘Overvol Eierdopje’. Ik maak van de titel geen geheim; het boek komt er toch niet. De titel is echter reëel als wat, want regelmatig komen de andere helften van de kids hier logeren. Een berg drukte vult dan (meestal in het weekend) ons huis. Gelukkig is mijn werk dan vaak gedaan, concentratie op artikelen niet nodig. Zo kan ik meegenieten van lang natafelen met ons zessen.

Dreamteam
Dit weekend is het stil in huis. Best lekker, ik moet bijkomen. Of is het nagenieten?
    Afgelopen week, stonden twee dagen in het teken van de Brievenwasserette bij Bibliotheek Lek en IJssel in Houten en IJsselstein. Twee dagen boog ik me met anderen over het vereenvoudigen van brieven van instellingen. We werden zelfs het Dreamteam genoemd. Ik meldde me alvast voor volgend jaar. Naast dat vrijwilligerswerk mocht ik één van die dagen koppelen aan een artikel voor de plaatselijke krant. Die combi was tof, lees maar hier.  Daarbij vroeg de krant om een interview en artikel over biodiversiteit en gaf ik een kennismakingsworkshop Biblejournaling in Huis ter Heide bij ADRA Share & Care. Natuurlijk deed ik boodschappen voor die vrouw van de vorige blog. Ik zeg niets.

Verrassing
Vrijdag was wandeldag! Ik zocht het bos op en vond ruimte om op adem te komen. Zo jammer dat ik me daarna op mijn huishouden moest storten. Soms overweeg ik een hulp in de huishouding om meer te gaan voor wat ik het liefst doe. Mijn LinkedIn profiel heb ik al aangepast.
    Het is allemaal het gevolg van waar ik nu sta. Kon dit allemaal wat eerder mijn pad kruisen dan als zwaar 40+er, eigenlijk 50-er. Iemand kon dat afgelopen maandag trouwens moeilijk geloven. Echt lachen. Ik ontmoette de vrouw die mij tipte op werk bij de plaatselijke krant. Ze vroeg zich af hoe oud ik was.
    ‘Ik weet dat jij oudere kinderen hebt. Je kunt niet 38 zijn, zoals ik.’ Ik voelde het aankomen: she was going to make my day!
    ‘Klopt, ik ben niet 38. Ik ben 48.’ Haar stilte viel samen met ogen die groot werden.

Wolk
Later thuis vroeg ik Marcel:
    ‘Wanneer dender ik van die roze wolk af?’
    ‘Welke roze wolk?’ Hij keek om zich heen.
    ‘Die waarop alles wat ik doe tof is.’
    ‘Meid, voor zolang het duurt blijf jij er maar lekker op zitten.’ Zo heerlijk hè, hij denkt gewoon dit: happy wife, happy house, happy life! Hij is niet gek, dat is duidelijk!


Voorbeeld

Als klapper werd ik donderdag door een taalambassadeur een sterke vrouw genoemd.
    ‘Wie ik? Echt niet,’ reageerde ik geschrokken. Ze legde zichzelf uit:
    ‘Eerder vanmiddag vroeg iemand jou of jullie samen naar Houten terug konden fietsten en jij zei ‘nee’. Jij bent voor mij een enorme voorbeeld. Dank je.’
    ‘Dat vond ik zo lastig,’ antwoordde ik. ,Nee zeggen was nooit mijn beste kunstje. Ik zeg het nog te weinig, tot het om mijn eigen rust gaat,’ zei ik. Zeker in deze tijden van minder rust in huis, ga ik heel bewust om met mijn ruimte buitenshuis en daarom zei ik ‘nee’. Ik wilde op mijn gemak terug naar huis fietsen en stoppen voor een paar plekken die ik wil vereeuwigen. Dat was mijn plan, tot ik besloot binnenkort een middag door IJsselstein te struinen. Die dag relax gun ik mezelf.
    Over sterk gesproken, ik ga!


zondag 6 september 2020

Boterhamworst

Boodschappen doen kan een uitdaging zijn zeg!
    Sinds corona ons land beheerst, doe ik boodschappen voor een vrouw waar ik, als vrijwilliger, bijna zes jaar de boel onveilige maak. Geloof het of niet, ze heeft een hondje waar ik niet bang voor ben. Zelfs mee stoei!
    Als jij had gezegd dat ik ooit een hond zou knuffelen, had ik je volledig en totaal midden in je gezicht uitlachen. Die weddenschap ging ik in met een schrikbarend hoge inleg en weet nu dat ik verloren zou hebben. De trouwe volger (van 513 blogs) kent mijn angst en soms haat aan honden.
    Ik leerde dat het een kwestie van vertrouwen in het baasje is en meegroeien met een pup. Of ik hetzelfde vertrouwen op breng bij een baasje met vier hondjes? Ik neem het liever hondje voor hondje.

Ongezouten

Ik ben sowieso beter in boodschap voor boodschap. Daarom kreeg ik afgelopen maandag via WhatsApp twee korte boodschappenlijstjes van bovenstaande mevrouw. Eén voor Appie, de andere passend bij Jumbo. Ik dacht: ben zo klaar.
    Yeah, sure. Ik leerde dat ik met vier lijstjes sneller uitgewerkt kan zijn, dan met deze twee. Er volgde al snel een appje: mini saucijzen zijn op.
    Zij: Helaas pindakaas.
    Bij wijze van grap vroeg ik: Wil je pindakaas?!
    Zij: Nee, die maak ik zelf, is lekkerder.
    Zelf pindakaas maken? Daar moet ik haar eens vragen. Vervolgens zocht ik ‘Flora Plant’, wat boter bleek te zijn. Had ik maar beter moeten lezen, er stond ‘ongezouten’ bij. Ja, dan weet iedereen direct dat het om boter gaat. Not! Toch?

Schrappen
Daarna volgde Jumbo. Daar stond ‘flyer’ op het lijstje. Juist omdat het er nooit eerder op stond, vroeg ik me af wat het was? Kun je het eten? Bedoelde ze een folder van de winkel? Hoort er een folder bij twee actieproducten? Daar ging een appje: Wat is ‘flyer’?
    Zij: Het staat tegenwoordig op het lijstje, het is verder niets hoor.
    Ik dacht: Mooi! One shoppinkje down! Schrappen is voor mij, als schrijver, bekend terrein. Was het altijd maar zo gemakkelijk.

Zoektocht
Vervolgens las ik: Wit Duivekater brood met basterdsuiker. Wat? Brood ligt achter in de winkel, het is brood van laatste zorg. Wat volgt?: Blik Boterhamworst.
    Makkie, dacht ik en liep naar alle blikvoer. Dat klinkt niet echt sexy, ik weet het. Maar troost je, in huize Typisch Irene eten we ook wel eens uit blik. Zo stond ik tegenover vleesproducten in blik en zocht me suf. Ik checkte drie keer alle schappen en lege vakken. Tot ik bedacht dat het misschien bij de voorverpakte vleeswaren lag. Onderweg daarnaartoe vond ik wat bekende producten en bleef steken bij een ander onbekend item op het lijstje: Kinder Melkschijfjes.
    Zijn dat koekjes? IJsjes? Crackers? Ik herkende het Kinderchocolade logo. Terwijl ik naar de snoepschap wandelde, klonk een vrolijk swingliedje. Ik vond mezelf swingend tegenover de Kinderchocolade producten. Ik checkte even op medeplichtige dansers of ongewenste toeschouwers. Die waren er niet, wiebel-wobbel zo gingen mijn heupen.
    Geen Melkschijfje gevonden om bij navraag te horen:
    ,Hebben we niet.’ 

Blik
Tijd om me te herfocussen op die blik boterhamworst. Iets waar ik nooit in zal bijten en na lang zoeken opnieuw niet vond. Daar ging een appje: boterhamworst in blik kan ik niet vinden.
    Zij: de ovengebrande spek wel?
    Ik: jaaaa, hoeraa! Wat heeft dat ermee te maken?
    Zij: Ligt de blik boterhamworst daar niet bij?
    Ik: Nee, ik zie geen enkele blik.
    Zij: Blikboterhamworst is gesneden
    Ik: Hoezo gesneden? Zijn het plakjes?
    Zij: Yep. Ter verduidelijking volgde een foto van vleeswaar.
    Ik: Het zit niet in blik! Wat doet die blik er dan bij?
    Nu het duidelijk was, zocht ik nog eens alles af en bleek er één leeg plekje. Daar ging een appje: hebben ze niet. Ik lachte de tranen in mijn ogen. Verstoppertje spelen was niets bij deze zoektocht. Een paar collega winkelaars keken me raar aan, wat mijn humor vooral voedde. Die ernstige gezichten!

Brood

Nog één ding: Wit Duivekater brood met basterdsuiker. Zoek-moe als ik was, besloot ik het direct maar te vragen. Dat bleek het wijste besluit van mijn dag:
    ,Hebben we niet,’ zei de medewerker.
    ,Dat is de spreuk van mijn dag. Melkschijfjes hebben jullie niet, blik boterhamworst hebben jullie niet.’
    ,Heb je gekeken bij de blikken daar in de hoek?’
    ,Daar zocht ik een kwartier lang.’
    ,Maar het zit niet in blik,’ zei haar collega, waarop de ander haar aankeek of zij ingeblikt werd.
    ,Hoezo noemen ze het dan blik boterhamworst?’, vroeg de eerste.
    ,Omdat het in blik binnenkomt.’ Ik keek ondertussen de eerste aan.
    ,Jij wilt niet weten hoe graag ik je mag,’ zei ik. 
    ,Hoezo?’
    ,Ik dacht dat ik de enige sufferd was, nu blijkt dat niet zo. Heerlijk!’ Weer een band met iemand gesmeed.