zondag 13 oktober 2019

Gênant


Let op: hier begint mijn blog. De eerste zin van een verhaal waarvan zelfs ik niet weet waar het eindigt. Zo’n open begin ken zelfs ik eigenlijk niet. Misschien wordt het werkelijk niets, want ik proef in de dichtste nabijheid geen inspiratie en wordt aan alle kanten; mijn voor-, achter-, zij- en andere zijkant afgeleid door lieverdjes. Eén van de lieverdjes is een onverwachte logee.

Welkom
Zo gaat dat in huize Typisch Irene en kinderen. Marcel zal nooit en te nimmer een logé meenemen. Hij is my one and only lifetime slaapgast. Wat betreft de kinderen herhaalde ik vandaag weer eens:
   ‘Iedereen is welkom,’ als antwoord op de vraag of Lysanne mocht komen logeren. Bijna iedereen is ongevraagd welkom, als ik maar weet dat een gast mijn huis onveilig maakt en/of mee-eter wordt. Ik wil dat iemand juist aan tafel ervaart dat hij of zij er mag zijn. Het gevoel meegeven dat we een open huis, welkom thuis en bovenal voel-je-thuis-gezin zijn.
   Hoe dat is, moet je vooral zelf komen beleven. Wat me op het idee brengt om een paar mensen te vragen hoe zij het thuis-zijn bij ons ervaren en of er gektes zijn die anderen maar beter van te voren weten.

Schaamteloos
Ik vraag het Lysanne als ervaringsdeskundige op de seconde:
   ‘Dat jij bij teveel herrie gewoon je gehoorapparaat uit doet.’
   ‘Ja, dat doe jij natuurlijk voordat je hier binnenstapt,’ merk ik lacherig op. Alsof zij er één heeft. Volgens mij is ze jaloers omdat ik op die manier geluidsoverlast uitzet.
   Op de vraag wat juist gênant is, schuift Benjamin op het puntje van de bank en vertelt:
   ‘Ik weet niet wie onze gast was, maar jij zei gewoon aan tafel tegen papa: dat wordt vanavond geen boemboemdingen, schatje.’ Ik weet zeker dat hier de huge context mist, maar feit is dat we hier inderdaad een sfeer hebben van: alles is bespreekbaar. Bijvoorbeeld een gesprek over konthaar, opgestart door Benjamin, weet je nog

Gênant
Vervolgt Lysanne met wat zij schaamteloos vindt:
   ‘Dat jij me vandaag voor de derde keer Senna noemde.’
   ‘Ik geef toe lieve meid, dát is schandelijk. Nog één keer en jij slaat me echt in elkaar hè?’ Lieve lezer, mocht je me eens treffen met een blauw oog, dan was het Lysanne, die me terecht een gekleurd oog mepte. Ik ben zelfs boos op mezelf, nog even en ik stomp die oog eigenhandig alle kleuren van de regenboog.
   Over gênant gesproken. Jullie denken dat ik erg ben? Dan moet je Celine aan tafel meemaken. Zij gaat alle decorum voorbij. Zij vroeg laatst aan tafel waar haar geliefde bij zat:
   ‘Mama, hebben papa en jij wel eens…’
   Ja, daag, je denkt toch niet dat ik hier op het wonderlijk walgelijke web ga vertellen wat manlief en ik uitvreten? Het is hetzelfde waar Rick naar refereerde toen ik hem vroeg wat hij een gekkigheid in ons gezin vind.
   Wacht, weet je wel wie Rick is? Hij is Celine’s lover, maakt haar gelukkig en is echt goed voor haar. Hij lijkt zich thuis te voelen, want vult Celine’s stiltes met gemak op. Hij kan heerlijk kletsen. Kijk hoe ik hem ondervroeg:



Ja, ik leef in een huis vol muzikanten. Echt belachelijk!
   Om te eindigen bij Benjamin met dezelfde vraag. Hij keek me aan, rolde met zijn ogen van links naar rechts, kneep ze ietsjes dicht, waarbij zijn wenkbrauwen naar elkaar kropen en zei:
   ‘Is dat een serieuze vraag?’
   ‘Ja, ik ben soms serieus. Snap je de vraag niet?’
   ‘Zeker wel, maar dat jij het vraagt verbaasd me.’
   ‘Hoezo?’
   ‘Mam, jij bènt de gekkigheid.’
   ‘Lekker dan,’ zeg ik, de gek. Zou hij me ooit serieus nemen?

Emotioneel
Oh wacht nog eens, dat deed hij afgelopen week. We hadden net de bakplaat van het gourmetstel buiten gezet en tafelden heerlijk na van een feestmaal op Celine’s 21ste verjaardag. Rick was erbij, natuurlijk. De aanleiding ben ik vergeten, maar Benjamin zei ineens:
   ‘Mama, ik wil zeggen dat ik heel blij met je ben. Ik zie hoe druk jij bent in huis en dat het huishouden werkelijk veel werk is. Je doet het allemaal maar en zonder klagen.’
   ‘……..’, klonk ik met een brok in de keel.
   ‘Je kookt, je maakt schoon, de badkamer is altijd fris en dat stofzuigen. Wat een herrie verduur je steeds en die eeuwige was. Altijd weer die was.’
   ‘……… ………’ antwoorde ik. Celine plukte een tissue uit de doos en gaf die via Marcel aan mij.
   ‘Mam, je doet echt zoveel. Je bent gewoon een top-moeder. Dat moet je weten.’ Iedereen zweeg. Het voelde als waren hij en ik even alleen. Hij meende het, ik zag het. Uitgesnuft zei ik op mijn beurt:
   ‘Dank je schatje, wil je dan vanaf nu je was binnenste buiten keren voordat je het in de mand gooit?’

zondag 6 oktober 2019

Vrijheid


 Dus jij komt zomaar gluren? Het kan in alle vrijheid. Toch moet ik je waarschuwen. We zijn dan wel buren, buurtgenoten, dorpsgenoten en dorpsgekken, maar jij betreedde… betrad… klink al net zo slecht: je kwam dit huis binnen op eigen risico.
   Niet dat je bang hoeft te zijn voor onze hond Brutus, die hebben we niet. Ook staat er geen eik in onze tuin met de bijbehorende rupsen. Je hebt te dealen met ons!
   Ik zeg: sluit de deur, let’s get started! Met een lied, dan kunnen jullie landen en kennis maken met Marcel, mijn lief, en Celine onze dochter. Ergens in huis is onze zoon. Hoewel hij viraal gaat, blijft hij liever anoniem. Vreemd, heel vreemd.

Nu kan ik van wal steken over vrijheid en wat ik daarover te zeggen heb; beter grijp ik eerst de huishoudelijke mededelingen van de waslijn. De organisatie achter GbdB (Gluren bij de Buren) wil dit jaar de doelgroep, jullie dus, in kaart brengen. Ze willen alles van je weten, behalve je pincode.
   Nee, geintje. Het is goed dat ze eens een bevolkingsonderzoek doen, daar bij GbdB? Hier leeft het, dat is zeker. Formulieren en pennen liggen daar en oh ja.
   De spaarpot. Smaakt de koffie? Is de thee lekker? Of heb je lekker niks? Hoe dan ook kost het geld om dorpsgekken, zangers en acteurs aan het ‘werk’ te ondersteunen met koffie, thee en niets, want lang niet alles wat gebeurd is zichtbaar. Geef dus, als je blij bent met GbdB.
    Daarbij dank aan onze vriendin Lisanne, ik bedoel Lysanne*, zij gaat over de logistiek rondom koffie en thee.
    Tot zover de reclameblok. Wat een administratie. Het gaat nog van onze tijd af!

Het thema van GbdB is vrijheid en dat 75 jaar. Of dat iets is om te vieren! Ik ben nog lang geen 75, eigenlijk nog maar 47. Dat voelt als jong en vooral vrij.
   Als je vraagt wat vrijheid voor mij betekent, dan ben ik uiteraard blij dat we leven in een vrij land, maar neem ik de afwezigheid ervan niet for granted. Oorlog is om ons heen, zichtbaar in het nieuws. Dichtbij in de vorm van medelanders die ik help om de taal te leren. Zij wonen hier in Houten, maar zouden zij zich echt vrij voelen of liever vrij zijn in hun eigen land?
   Vrijheid is wie je bent, wat je wilt en waar je voor staat. Vrij te zeggen wat je wilt. Het hoogste goed in ons Nederland. Aan vrijheid van meningsuiting mag je niet komen. Wat enorm zichtbaar is op social media. Er zijn mensen die netjes en vriendelijk blijven, gelukkig! Maar all over het wereldwijde woelige web, zeggen mensen wat ze vinden, vaak gepaard met gescheld en gevloek. Soms op de man af. Dat noemen we vrijheid.
   Mag ik eerlijk en vrij zijn? In vrijheid liggen volgens mij grenzen. Vooral de F- en K-woorden en het vloeken. Het gebruik van de namen van mijn God en Jezus, zonder schaamte. Zelfs Eva Jinek sprak het F woord luid en duidelijk zonder een nanoseconde schaamte uit. Zelfs zij?
   Slechthorend zijn heeft tenminste een voordeel: niet alles te horen helpt soms.
   Maakt het gebruiken van grove taal ons werkelijk vrij en gelukkig? Ik zou gelukkiger zijn met vriendelijker taalgebruik. Bram Hendriksen deelde dit op Twitter: vrijheid bestaat in het erkennen van grenzen. Er volgden geen reacties. Hij heeft dan ook weinig volgers. Houden zo.
   Tijd om onze grenzen en vrijheid te laten bezinken. Celine, zing een iets rustigs.

Ik stelde anderen de vraag, wat is vrijheid voor jou?
   Ik vroeg het een Rwandese. Ze antwoorde als enige: geen oorlog, vrede voor iedereen. Worldpeace, je hoort het de ladies van de miss verkiezingen zeggen. Ik wil geloven dat ze het menen. Zij die oorlog van dichtbij hebben gezien, wensen het ’t hardst.
   Een verpleger ziet vrijheid in gezond zijn. Vertel mij wat. Ik stond vanochtend weer op onder luid gekraaaak en piiieep. Eens gesmeerd door een ontbijt en koffie ging het wel weer. Ik ben niet vrij van gezondheidsproblemen, maar hé: I’m alive and kicking.
   Een vriendin van 47 worstelend met meer lichamelijke problemen zei:
   ‘Kunnen doen dat je wilt.’ En een vrouw van 74 antwoordde:
   ‘Niet afhankelijk zijn van anderen.’ Haar lichaam kan het niet meer alleen. Daarin werd vrijheid afgenomen.
   Een huisarts zei dat vrijheid niet verslaafd zijn is. Alcohol, drugs, roken en slagroompatronen. Het zijn problemen van deze tijd. Het is tijd om toe te geven: ik ben ook verslaafd! Jaha, aan cafeïne: I need coffee!

Een Amerikaanse christen reageerde resoluut:
    'Alleen bij God is vrijheid.' Voor christenen is dit een herkenbaar antwoord. Te geloven in een God die iedereen liefheeft en accepteert no matter what. Ondanks een wereld die doordraait belooft God vrijheid. Hoe gaaf is dat, als je in God gelooft. Doe je dat niet, dan klinkt dit behoorlijk onbeduidend. Zoals ook het antwoord van een evangelist. Dat is iemand die anderen over God vertelt. Hij zei:
   ‘Vrijheid is God te beleven in jezelf.’ Wat in mijn ogen een perfecte aanvulling is op wat een politicus zei:
   ‘Het is voor mij in vrijheid te kunnen werken, leven en geloven.’ Wat klinkt als leven en laten leven. Elkaar dat gunnen dat is vrijheid! Dit gaat best diep, Celine zing het eens wat luchtigs.

Een econoom ziet vrijheid in kapitalisme. Ver-irene-voudigt betekent het dat iedereen kan ondernemen en daarmee de economie spekt. Iets met hoe beter de ondernemers het doen, hoe beter voor de economie. Vooralsnog heb ik het gevoel dat ik als ondernemende shopaholic de enige ben die de economie draaiend houd. Kom, help me, voel je vrij!
   Een manager koppelt vrijheid aan perspectief en keuzevrijheid en een VWO student wil vrijheid in zijn vakantie. Hij verzucht:
   ‘Ik wil niet op vakantie in mijn vakantie.’ Wacht, ho! Vakantie is toch vrijheid? Hij legde uit:
   ‘Ik wil niet elke dag om 08.00 uur opstaan en hele dagen wandelen.’ Ah, volgens mij past hij beter in onze tent: opstaan wanneer je wilt, een beetje zwemmen, beetje hangen, beetje wandelen, beetje cultuur, want voor alles wat langer duurt dan dat beetje is het altijd te heet. Het belangrijkste: vrijheid van uitslapen! Ik slaap uit tot 08.00 uur om vrij te zijn, vrij van mijn verder slapende gezin!
   Een student die in Amsterdam woont noemt vrijheid een verantwoordelijkheid. Vrijheid is je eigen zaken regelen, iets met eigen verantwoordelijkheid.
   Een kind van acht flapte eruit:
   ‘Vrijheid is zwemmen.’ En een schooljuf in opleiding ervaart vrijheid op het moment dat de schoolbel gaat. Dan gaan de kinderen lekker naar huis. Rust dus eigenlijk. Dat past bij de fotograaf die vrijheid koppelt aan de natuur. Dat had mijn antwoord kunnen zijn. Met dit verschil: ik ben geen fotograaf. Ik ben kletspraatjes- en kiekjesmaker.
   Terug naar de schooljuf, ze staat hier en zei:
   ‘Vrijheid is spontaniteit. Het is vliegen als een vogel in de lucht. Niemand die je belemmert. Zingen is ademen met geluid. Nu we het daar over hebben, juf Celine adem wat.

Onze dochter, ik wist dat zij niet in één woord zou antwoorden. Zij zit om 07.00 uur kwebbelend aan tafel; een vrijheid die niet iedereen waardeert. Een Signmaker die om diezelfde tijd aan het ontbijt zit, vroeg ik:
   ‘Als ik zeg vrijheid, wat zeg jij dan?’ Hij mompelde:
   ‘Dit vraag je om 7 uur ’s ochtends?’
Daarom vroeg ik het ’s avonds nog eens. Hij zei:
   ‘Blijheid.’ Eén keer raden wat zijn zoon zei:
   ‘Vrijheid mama, dat is blijheid,’ en weg was hij, naar boven, waar hij nog steeds zit.

Alle voornoemde geciteerden zijn familieleden en vrienden. Een allegaartje aan functies om me heen met ieder een eigen invulling van vrijheid.
   Om te eindigen bij jou:
   ‘Als ik zeg vrijheid, wat zeg jij dan?’

Oh, wacht. De tijd is om. Tijd om af te sluiten en te rammelen met de collectebus. Jouw reactie is altijd welkom op mijn site, facebook, instagram of twitter. Vanavond komt deze blog online. Google maar op mijn naam. Lekker duidelijk!
   Wacht, ik bedenk ineens mijn ultieme vrijheid: weet je wat ik werkelijk echte vrijheid vind? In mijn blootje van de badkamer naar onze slaapkamer lopen. Snel weer eens doen!
   Oké het niveau daalt, ik laat je gaan, maar niet zonder een gemeend dank je wel, dat je in vrijheid koos om hier bij ons te zijn. Tot GbdB 2020!
   En zij, Marcel en Celine, zingen de boel uit!




* Lysanne reageerde boos bij het zien van die i in haar naam. Als goedmaker trakteer ik haar op patatje met en een frikadel.



Televisiekijken


Televisie kijken is zeg maar niet mijn ding. Ik heb verschillende leukere hobby’s en andere lievere bezigheden. Ze maken televisiekijken pure tijdsverspeling. Als verspeelde tijd, snap je? Hobbyen is namelijk gewoonweg spelen; het is doen wat je hart wil.

Ontspanning
Televisie kijken is zeg maar mijn mans grootste hobby. Het is zijn ontspanning, zijn me-time, zijn actualiteit, zijn plezier. Daar heb je één van onze grootste verschillen. Gelukkig vonden we daar een middenweg in. Manlief zoekt series die mij wel aanstaan, waarna we gezellig samen iets leuks kijken.
    Samen zijn is in onze ogen namelijk enorm belangrijk.
    Flikken Maastricht, Beste Zanger, Heel Holland Bakt, Dokter Deen, Dokter Tinus en nog wel meer kijken we saampjes op de bank. Soms vind meneer een film die mij boeit en neemt die op voor een vrije avond. Hij doet zijn best mij af en toe bij hem op de bank te krijgen.
    Ik klauter dan in de hoek van de bank, beetjes languit, beker thee op de vensterbank, bakje fruit op schoot en meneer naast me. Evengoed met zijn benen languit op de grote hoekbank. Zie ons zitten, samen in de hoek, opgepropt. Het voelt als lig ik in een veilig nestje, zeker nu het dekenseizoen zijn intrede doet. Dekentje over de benen en tada! Knusheid ten top - samen televisie kijken.

Hangavond
Zo ook afgelopen week. Eigenlijk keek ik een avondje mee, omdat ik walglijk moe was van verschillende activiteiten.
    ‘Aan de kant, ik ga mee hangen,’ en plofte in mijn hoek.
    Marcel keek de Rijdende Rechter. Niet echt mijn programma, maar ja, meneer zat er al in. Ik was zo suf en moe, dat ik zelfs een concert van K3 zou blijven kijken.
    Meester Visser zat midden in gezeur over muren, een schutting en verbouwing. Ik liet het over me heen komen. Ik kan er niet goed tegen om te zien hoe mensen op elkaar letten of zelfs bewust de ander dwars liggen. Misschien wel vanwege een vroegere buur. Het komt dichtbij.
    Daarbij lijkt het er op dat ik ergens ooit een trauma heb opgelopen. Ik ben bang voor ruzies. Wat, waar en hoe weet ik niet. Het lijkt diep weggestopt. Ik wil ze niet in het echte leven, niet op televisie. 

Ruziezoeker
Daarom maakte ik afgelopen week geen ruzie met Marcel toen hij zomaar ineens de televisie uit zette. We keken naar Beau. Voor mij de eerste keer. Eén van zijn gasten trok mijn aandacht en ik wachtte op zijn verhaal. Ik weet even niet meer hoe of wat. Wel weet ik dat het later en later werd en bedtijd had allang de klok getikt.
    Gesprekken die me niet boeiden duurden maar voort. Het item waar ik op wachtte liet op zich wachten. Ik gaapte diep om bij het openen van mijn ogen te zien dat het scherm op zwart stond.
    ‘Marcel, serieus? Ik gaap en jij doet zomaar de boel uit?’
    ‘Ja, het is bed,’ hij gaapte demonstratief mee, ‘tijd.’
    ‘Maar nu mis ik waar ik in de eerst plaats om bleef kijken.’
    ‘Weet je wat? Je kan gewoon blijven kijken. Ik ga slapen.’
    ‘Ja, sure, kijken naar een zwart scherm.’
    ‘Dat is het echte televisiekijken,’ zegt meneer en zakte terug in de bank. Gooide zijn benen opnieuw op de bank, sloot mij opnieuw in en keek mee naar het zwarte scherm.

Media Markt
We waren even stil, tot ik het verstoorde.
    ‘Eigenlijk vind ik dit televisie op zijn best.’
    ‘Hoezo?’
    ‘Geen geluid, geen flitslichten, geen ruzies. Pure rust.’
    ‘Ik weet niet, misschien moeten we een nieuwe televisie kopen. Dit frame is wat saai.’

Dus wij naar Media Markt. Wilde de verkopen ons de kleuren, scherpte en het geluid laten ervaren. Zei Marcel doodleuk:
    ‘Nee, laat maar uit.’
    ‘Maar u moet het toch allemaal beleven?’
    ‘Dat doen we! Wij beleven het frame. Kijk MediaMuppet, dat frame is schitterend, die willen we.’ Kwam de verkoper later met een doos waar wij werkelijk niets van snapten.
    ‘Wat zit er allemaal in die doos meneer?’, vroeg ik geschrokken. ‘Zo groot is het scherm toch niet.’ Hij opende de doos en haalde er snoeren, een afstandsbediening en andere onzin uit. Marcel stopte het in de handen van die man.
    ‘Wij hebben dat allemaal niet nodig en willen niet verspillen, hou maar. Krijgen we wel korting?’ De man stond met alles in zijn hand verbaasd te kijken alsof we zojuist zijn stekker er uit hadden getrokken. Ik tikte hem even aan:
    ‘Doet u het nog?’
    ‘Uhm, ja, maar hoe krijgt u de televisie dan aan?’
    ‘Moet die aan? We willen alleen maar televisie kijken. Gisteren zagen we trouwens iets leuks op televisie.’
    ‘Wat dan?’
    ‘Sloffen!’