zaterdag 19 september 2020

Huis uit

    
‘Mam, wie denk jij dat het eerst het huis uit gaat?’, vroeg Benjamin en stak een hap bami goreng in zijn mond. Zonder nadenken flapte ik er uit:
    ‘Celine.’
    ‘Echt?’
    ‘Ja, want zij is over twee jaar klaar met haar studie en wil dan verder met Rick. Oh, wacht, geen idee of dat haalbaar is, want Rick moet dan nog twee jaar naar het HBO. Eigenlijk denk ik dat jij eerder het huis uit gaat.’
    ‘Dat denk ik ook.’
    ‘Wanneer ga je?’
    ‘Binnen nu en twee jaar ben ik weg!’ Hij klonk al bijna opgelucht.
    ‘En wie span jij dan voor je karretje?’
    ‘Voor welk karretje mama?’
    ‘Nou, voor alle huishoudelijke taken die je nu al niet doet? Iets met de was, vaat en opruimen. Laat staan je kamer stoffen en zuigen. Je kijkt zelfs nu of ik het over een besmettelijke ziekte heb.’
    ‘Jij poetst mijn kamer, zoals afgesproken omdat ik kostgeld betaal.’
    ‘Ten eerste is dat smartengeld en ten tweede is de afspraak dat jij je kamer opruimt voordat ik de stofdoek er doorheen haal en wanneer doe jij dat?’
    ‘Uhm, ja, ik ben druk.’

Ongeschikt
Daar zei die man een waarheid als een koe, eigenlijk meer een stier. Hij komt zelden beneden en nog minder buiten. Hij werkt alleen maar of ontspant ook weer bij de computer met een VR-headset op. Toch wat beweging, denk ik opgelucht. Voor de rest laat hij een ander opdraaien.
    Eigenlijk vind ik hem ongeschikt om het huis uit te gaan, hoe graag ik hem zou zien gaan. Bot hè? Ik wil namelijk mogen genieten van een stil, leeg huis, voordat Marcel met zijn werkkoffer thuis komt en zegt:
    ‘Ik ben er helemaal klaar mee, wij gaan rentenieren.’
    Vorige week nog op de roze wolk, dender ik nu op een donderwolk. Ik moet my case resten: ik zal nooit meer alleen thuis zijn en huil een regenbui.

Regelmaat
Raar eigenlijk hoe ik jarenlang het gezinsleven zo enorm koesterde; me verheugde op alles, behalve een leeg nest. Eerder zag ik mezelf met een theedoek, want een zakdoek is te klein, dus eigenlijk is een badhanddoek sowieso het beste, mijn tranen van de wangen vegen, omdat mijn bloedjes hun thuis achterlaten.
    Hoor me nu! Madam puber 2.0. Het kan me niet snel genoeg met de rust in huize Typisch Irene. Iemand heeft behoefte aan ruimte, rust en vergeet regelmaat. Met de krant als werkgever is regelmaat ver te zoeken. Dat verbaast dan ook weer, want boy, wat leunde ik altijd goed en graag op een strakke regelmaat. Zo verandert er nogal wat, zelfs mijn eigen verwachtingen. Het lijkt wel of mijn ideeën, wensen en dromen steeds meer overhoop liggen. Ach ja, het is overduidelijk: ikzelf lig overhoop. Wend ik me even tot de ervaringsdeskundigen: het komt wel goed? Toch? Please, zeg ja!
    Eigenlijk weet ik wel zeker dat de hele coronacrisis hier mede debet aan is. Voor corona leefde ik een leven waarin ik mezelf twee of drie dagen per week wentelde in mezelfigheid. Dat vond ik heerlijk lekker.

Directeur
Toen kwam Benjamin met de vraag wie het eerst het huis uit gaat.
    ‘Jij hoopt natuurlijk dat Celine binnenkort vertrekt, dan kun jij haar kamer inpikken.’
    ‘Die kamer is niet eens waar ik aan denk, mama.’
    ‘Dat is maar goed ook, want als madammeke weg is, pik ik die kamer in. Waar gaat het wel om dan?’’
    Het komt er uiteindelijk op neer dat Benjamin onder onze neus en Lara diep in de ogen kijkend zegt:
    ‘Ik ga in ieder geval niet het huis uit als ik dan alleen woon.’
    ‘Is dit een huwelijksaanzoek aan Lara? Dat kan romantischer schatje,’ lach ik hard.
    ‘Nee mam, dat alleen wonen vind ik maar niks. Ik vind het best als jullie een paar daagjes weg zijn, een weekend kan ook nog wel, maar langer dan dat? Dat is echt verschrikkelijk saai in huis!’
    ‘Doe mij een week alleen!’, roep ik uit, waarna Marcel me beteuterd aankijkt. Ik vervolg met: ‘met Marcel!’ Hij lacht weer!
    ‘Mam, even serieus. Alleen wonen is toch niks aan?’
    ‘Wees gewoon eerlijk Benjamin. Jij wilt een hulpje die alles voor je doet. Dus Lara moet mee.’
    ‘Eerst wil ik mijn HAVO diploma halen,’ zegt zij wijs. Die halen is haar uitdaging voor 2021. Wat ze daarna wil studeren weet niemand. Benjamin weet dit:
    ‘Zij wordt met gemak leidinggevende. Zij stuurt graag mensen aan.’ Waarop Marcel zich naar Lara omdraait, haar diep in de ogen kijkt en zegt: 
    ‘Als jij Benjamin zo ver krijgt dat hij zijn troep opruimt, zijn vieze was en de sokken niet binnenste buiten in die mand gooit, zijn schone was netjes opbergt en alle vuile vaat voor het avondeten naar beneden brengt, wordt jij met zekerheid directeur bij Shell.’
    ‘Dat wil ik zien. Ik zit eersterangs.’





zaterdag 12 september 2020

Brievenwasserette

Wat een week!
    Het ging van twee bibliotheken, naar een interview, een kringloopwinkel en het bos - van energie krijgen tot instorten. Allemaal omdat ik de afgelopen week zulke leuke dingen ondernam en vooral mijn grenzen enorm voorbij ging. Of dat laatste wijs is? Time will tell. Tot dan ga ik door, want het is allemaal zo ontzettend gaaf.

Thuisblijvers

Hoewel ik die eerste zinnen vol goede moed op mijn beeldscherm mikte, moet ik de keerzijde erkennen. Hoe drukker ik ben, hoe minder bloginspiratie ik ervaar. Alsof ik door alle werk dat ik doe, minder oog heb voor mijn eigen verhaal.
    Wat zeker meespeelt zijn de kinderen of eigenlijk hun afwezigheid. Zij zijn er minder bij. Wat zeg ik nou? Zij minder aanwezig? Echt niet! Eentje is fulltime thuis als hij niet bij zijn vriendin is. Hij loopt zijn stage thuis. De ander loopt stage in groep 5, gaat regelmatig naar haar vriendje en telt in acht weken twee fysieke schooldagen. Waar is ze de rest van de tijd? Thuis!
    Hoe dan input voor mijn blogs missen als zij zoveel thuis zijn? Dat heeft alles te maken met het feit dat zij mij loslaten en ik daarmee ook vaker mijn eigen gang ga. Best lekker hoor, zolang thuis maar onze basis ligt. Voor mij voor altijd, voor de kinderen voor onbepaalde tijd.

Overvol
Soms maken zij die basis voller dan het al is. Daarmee is de titel van mijn tweede boek vastgesteld. Het vervolg op ‘Vanuit mijn Eierdopje’ wordt ‘Overvol Eierdopje’. Ik maak van de titel geen geheim; het boek komt er toch niet. De titel is echter reëel als wat, want regelmatig komen de andere helften van de kids hier logeren. Een berg drukte vult dan (meestal in het weekend) ons huis. Gelukkig is mijn werk dan vaak gedaan, concentratie op artikelen niet nodig. Zo kan ik meegenieten van lang natafelen met ons zessen.

Dreamteam
Dit weekend is het stil in huis. Best lekker, ik moet bijkomen. Of is het nagenieten?
    Afgelopen week, stonden twee dagen in het teken van de Brievenwasserette bij Bibliotheek Lek en IJssel in Houten en IJsselstein. Twee dagen boog ik me met anderen over het vereenvoudigen van brieven van instellingen. We werden zelfs het Dreamteam genoemd. Ik meldde me alvast voor volgend jaar. Naast dat vrijwilligerswerk mocht ik één van die dagen koppelen aan een artikel voor de plaatselijke krant. Die combi was tof, lees maar hier.  Daarbij vroeg de krant om een interview en artikel over biodiversiteit en gaf ik een kennismakingsworkshop Biblejournaling in Huis ter Heide bij ADRA Share & Care. Natuurlijk deed ik boodschappen voor die vrouw van de vorige blog. Ik zeg niets.

Verrassing
Vrijdag was wandeldag! Ik zocht het bos op en vond ruimte om op adem te komen. Zo jammer dat ik me daarna op mijn huishouden moest storten. Soms overweeg ik een hulp in de huishouding om meer te gaan voor wat ik het liefst doe. Mijn LinkedIn profiel heb ik al aangepast.
    Het is allemaal het gevolg van waar ik nu sta. Kon dit allemaal wat eerder mijn pad kruisen dan als zwaar 40+er, eigenlijk 50-er. Iemand kon dat afgelopen maandag trouwens moeilijk geloven. Echt lachen. Ik ontmoette de vrouw die mij tipte op werk bij de plaatselijke krant. Ze vroeg zich af hoe oud ik was.
    ‘Ik weet dat jij oudere kinderen hebt. Je kunt niet 38 zijn, zoals ik.’ Ik voelde het aankomen: she was going to make my day!
    ‘Klopt, ik ben niet 38. Ik ben 48.’ Haar stilte viel samen met ogen die groot werden.

Wolk
Later thuis vroeg ik Marcel:
    ‘Wanneer dender ik van die roze wolk af?’
    ‘Welke roze wolk?’ Hij keek om zich heen.
    ‘Die waarop alles wat ik doe tof is.’
    ‘Meid, voor zolang het duurt blijf jij er maar lekker op zitten.’ Zo heerlijk hè, hij denkt gewoon dit: happy wife, happy house, happy life! Hij is niet gek, dat is duidelijk!


Voorbeeld

Als klapper werd ik donderdag door een taalambassadeur een sterke vrouw genoemd.
    ‘Wie ik? Echt niet,’ reageerde ik geschrokken. Ze legde zichzelf uit:
    ‘Eerder vanmiddag vroeg iemand jou of jullie samen naar Houten terug konden fietsten en jij zei ‘nee’. Jij bent voor mij een enorme voorbeeld. Dank je.’
    ‘Dat vond ik zo lastig,’ antwoordde ik. ,Nee zeggen was nooit mijn beste kunstje. Ik zeg het nog te weinig, tot het om mijn eigen rust gaat,’ zei ik. Zeker in deze tijden van minder rust in huis, ga ik heel bewust om met mijn ruimte buitenshuis en daarom zei ik ‘nee’. Ik wilde op mijn gemak terug naar huis fietsen en stoppen voor een paar plekken die ik wil vereeuwigen. Dat was mijn plan, tot ik besloot binnenkort een middag door IJsselstein te struinen. Die dag relax gun ik mezelf.
    Over sterk gesproken, ik ga!


zondag 6 september 2020

Boterhamworst

Boodschappen doen kan een uitdaging zijn zeg!
    Sinds corona ons land beheerst, doe ik boodschappen voor een vrouw waar ik, als vrijwilliger, bijna zes jaar de boel onveilige maak. Geloof het of niet, ze heeft een hondje waar ik niet bang voor ben. Zelfs mee stoei!
    Als jij had gezegd dat ik ooit een hond zou knuffelen, had ik je volledig en totaal midden in je gezicht uitlachen. Die weddenschap ging ik in met een schrikbarend hoge inleg en weet nu dat ik verloren zou hebben. De trouwe volger (van 513 blogs) kent mijn angst en soms haat aan honden.
    Ik leerde dat het een kwestie van vertrouwen in het baasje is en meegroeien met een pup. Of ik hetzelfde vertrouwen op breng bij een baasje met vier hondjes? Ik neem het liever hondje voor hondje.

Ongezouten

Ik ben sowieso beter in boodschap voor boodschap. Daarom kreeg ik afgelopen maandag via WhatsApp twee korte boodschappenlijstjes van bovenstaande mevrouw. Eén voor Appie, de andere passend bij Jumbo. Ik dacht: ben zo klaar.
    Yeah, sure. Ik leerde dat ik met vier lijstjes sneller uitgewerkt kan zijn, dan met deze twee. Er volgde al snel een appje: mini saucijzen zijn op.
    Zij: Helaas pindakaas.
    Bij wijze van grap vroeg ik: Wil je pindakaas?!
    Zij: Nee, die maak ik zelf, is lekkerder.
    Zelf pindakaas maken? Daar moet ik haar eens vragen. Vervolgens zocht ik ‘Flora Plant’, wat boter bleek te zijn. Had ik maar beter moeten lezen, er stond ‘ongezouten’ bij. Ja, dan weet iedereen direct dat het om boter gaat. Not! Toch?

Schrappen
Daarna volgde Jumbo. Daar stond ‘flyer’ op het lijstje. Juist omdat het er nooit eerder op stond, vroeg ik me af wat het was? Kun je het eten? Bedoelde ze een folder van de winkel? Hoort er een folder bij twee actieproducten? Daar ging een appje: Wat is ‘flyer’?
    Zij: Het staat tegenwoordig op het lijstje, het is verder niets hoor.
    Ik dacht: Mooi! One shoppinkje down! Schrappen is voor mij, als schrijver, bekend terrein. Was het altijd maar zo gemakkelijk.

Zoektocht
Vervolgens las ik: Wit Duivekater brood met basterdsuiker. Wat? Brood ligt achter in de winkel, het is brood van laatste zorg. Wat volgt?: Blik Boterhamworst.
    Makkie, dacht ik en liep naar alle blikvoer. Dat klinkt niet echt sexy, ik weet het. Maar troost je, in huize Typisch Irene eten we ook wel eens uit blik. Zo stond ik tegenover vleesproducten in blik en zocht me suf. Ik checkte drie keer alle schappen en lege vakken. Tot ik bedacht dat het misschien bij de voorverpakte vleeswaren lag. Onderweg daarnaartoe vond ik wat bekende producten en bleef steken bij een ander onbekend item op het lijstje: Kinder Melkschijfjes.
    Zijn dat koekjes? IJsjes? Crackers? Ik herkende het Kinderchocolade logo. Terwijl ik naar de snoepschap wandelde, klonk een vrolijk swingliedje. Ik vond mezelf swingend tegenover de Kinderchocolade producten. Ik checkte even op medeplichtige dansers of ongewenste toeschouwers. Die waren er niet, wiebel-wobbel zo gingen mijn heupen.
    Geen Melkschijfje gevonden om bij navraag te horen:
    ,Hebben we niet.’ 

Blik
Tijd om me te herfocussen op die blik boterhamworst. Iets waar ik nooit in zal bijten en na lang zoeken opnieuw niet vond. Daar ging een appje: boterhamworst in blik kan ik niet vinden.
    Zij: de ovengebrande spek wel?
    Ik: jaaaa, hoeraa! Wat heeft dat ermee te maken?
    Zij: Ligt de blik boterhamworst daar niet bij?
    Ik: Nee, ik zie geen enkele blik.
    Zij: Blikboterhamworst is gesneden
    Ik: Hoezo gesneden? Zijn het plakjes?
    Zij: Yep. Ter verduidelijking volgde een foto van vleeswaar.
    Ik: Het zit niet in blik! Wat doet die blik er dan bij?
    Nu het duidelijk was, zocht ik nog eens alles af en bleek er één leeg plekje. Daar ging een appje: hebben ze niet. Ik lachte de tranen in mijn ogen. Verstoppertje spelen was niets bij deze zoektocht. Een paar collega winkelaars keken me raar aan, wat mijn humor vooral voedde. Die ernstige gezichten!

Brood

Nog één ding: Wit Duivekater brood met basterdsuiker. Zoek-moe als ik was, besloot ik het direct maar te vragen. Dat bleek het wijste besluit van mijn dag:
    ,Hebben we niet,’ zei de medewerker.
    ,Dat is de spreuk van mijn dag. Melkschijfjes hebben jullie niet, blik boterhamworst hebben jullie niet.’
    ,Heb je gekeken bij de blikken daar in de hoek?’
    ,Daar zocht ik een kwartier lang.’
    ,Maar het zit niet in blik,’ zei haar collega, waarop de ander haar aankeek of zij ingeblikt werd.
    ,Hoezo noemen ze het dan blik boterhamworst?’, vroeg de eerste.
    ,Omdat het in blik binnenkomt.’ Ik keek ondertussen de eerste aan.
    ,Jij wilt niet weten hoe graag ik je mag,’ zei ik. 
    ,Hoezo?’
    ,Ik dacht dat ik de enige sufferd was, nu blijkt dat niet zo. Heerlijk!’ Weer een band met iemand gesmeed.