zaterdag 16 oktober 2021

Rokje

Laten we eens roddelen over…
    Ja, Lara. Het heerlijke meisje dat ieder weekend rond Benjamin dartelt. Gisteren stonden haar mondhoeken bijna ter hoogte van haar wenkbrauwen, terwijl ze binnenstapte en een of andere snoepverpakking voor mijn neus hield.
    ,,Dit zijn knettersnoepjes.” Ze hing haar jas op, ontdeed haar voeten van haar schoenen en stapte de huiskamer in, mij achterlatend bij de deur. Ik kon twee dingen doen: de verpakking openen en een heel doosje in een keer in mijn mond proppen of op haar aflopen en een knuffel stelen.
    ,,Welkom thuis. Ik bedoel in mijn huis, waar jij je thuis mag voelen. Al is het voor mij al thuis.” Ik maak het altijd ingewikkeld. Ik hoop gewoon dat zij zich thuis voelt. Nu ja, ze is hier regelmatig, dus… we doen vast iets goed.
    Hoe dan ook geniet ik van haar bijlage, ik bedoel bijdrage in ons huis. Al klinkt het best leuk om haar een bijlage te noemen. Met haar komst, waait iedere keer weer een frisse wind binnen. Een wind waar Celine evengoed enorm van geniet. Die chemistry, the good vibe, is onuitlegbaar, die moet je ervaren.

Servet

Het is Lara, die vorige week zittend naast Benjamin knipoogde naar onze tafelheer bij Ming&Ming in Maarssen. Waarom ze knipoogde bleef een raadsel. Dat twee andere dames de aandacht van deze tafelheer wilden, begreep ik wel. Hij was vriendelijk en charmant.
    Achter zijn rug om werd zijn leeftijd gegokt. Daarin waren we niet unaniem. De een schatte hem 18, een ander 20, Benjamin schatte hem 19 jaar, 7 maanden en 3 dagen en de rest dacht ook iets. Ik gokte niks, ik genoot van mijn han-drol.
    Tegen het eind van de maaltijd, het ijs besteld en bijna gesmolten, ontstond de vraag hoe zijn leeftijd te ontdekken en of we een nummer achter zouden laten. En hoe dan, met welk lef?
    We bedachten gezevenlijk dat een boodschap op een servet moest volstaan. De schrijver onder ons, toverde een pen op tafel en een ander noteerde een nummer met een boodschap. Dat laatste lukte niet foutloos, iets met zenuwen, maar hé, nog zes servetten te gaan.
    Gelukkig ging het bij de tweede al goed, anders zaten we er nu nog. Al gaat een handrol er best wel weer in. De beschreven servet verstopten we onder een glas, tot we die bij vertrek zouden om draaien.

Vliegensvlug
Alle borden netjes leeg en de lepels afgelikt, was het tijd voor de rekening. Gelukkig leverde eerder genoemde tafelheer die en ontstond een small talk praatje, waarin een tafelgast het moment ownde om te vragen naar meneers leeftijd.
    ,,Ik ben achttien. Eigenlijk achttien en een half.” Oeps veel te jong, hoor ik ons allemaal denken. De ogen van de persoon die haar nummer op het servet achterliet werden groot en schoten naar het servet waar Marcel beschermend zijn hand op legde.
    Na een gezellige babbel en de rekening betaald, draaide de gastheer zich om en nog sneller dan een reiger een vis uit het water vangt, greep een hand over de tafel naar het servet en poef, weg was ie. Hadden we het over een servet?
    Echt niet!

Rokje
Terug naar Lara. Dat ze zo gek is op sushi, versterkt onze band en maakt haar meer en meer mijn schoondochter, dus valt afstandelijkheid weg.
    Eerder dit jaar stapte ze op rokjes-dag ons huis is. Al draagt ze ook in de winter kleding waarbij ik denk: zij is er een van wie-mooi-wil-zijn-moet-kou-lijden. Je kent het wel, korte trui, blote buik, goddelijk lichaam en buiten vriest het. Ze stapte de huiskamer in.
    ,,Wat een leuk rokje draag je!”, zei ik.
    ,,Het is een rokje…, máár het is een broekje,” antwoorde ze en sneller dan ik voor haar kon springen hield ze haar rokje omhoog. Marcel kon alles zien.
    ,,Hé, het is een broekje,” zei hij.

Varken

Je zou eigenlijk moeten horen hoe ze het zegt en zien hoe goed ze er uit ziet met haar strakke lijf. Of valt nu mijn jaloezie teveel op. Oeps.
    Het broekje en rokje vergeten, was ze daar ineens met een cadeau voor Celine. De laatste haalde een varkensknuffel uit een verjaardagsdoos.
    ,,Het is een varken…,” Lara trok aan zijn mutsje en vervolgde: ,,máár het is een dino.”
    ,,Bij jou is zelden iets wat het lijkt," zei ik. ,,Loop jij binnenkort binnen en zegt: ‘Ik ben Lara, maar ik ben een…’?” Laat maar.

Kledingkast
De weekenden vlogen om en afwisselend droeg Lara broeken, jurkjes, leggings en nog een paar keer een broekje dat een rokje bleek. Anders om dus. Tot ze de vierde keer binnenliep en ik haar naderde:
    ,,Wat een leuk rokje…, maar het is een broekje.” Vervolgens trok ik het omhoog.
    Was het echt een rokje!

zaterdag 9 oktober 2021

Belletje lellen

In ons huis ligt één belknop waar ik nooit meer op druk. Benjamin waarschuwde me al eens:
    ,,Wie weet wat er gebeurt als je zonder goede reden op die knop drukt.” Ik leerde mijn les; wist ik veel dat de gevolgen zo ver reikten. Ik ben trouwens niet de enige die ver uit de buurt blijft. Mijn reservedochter Renske en Laura, een andere vriendin van Celine, leerden evengoed hun lesje. De knop werd verstopt, want wat je niet ziet, verleidt ook niet. Zoiets, toch?

Verrassend
Er zit één verrassing in dit alles verstopt. Marcel weerstond sowieso de verleiding om op die knop te drukken. Mijn verbazing daarover ligt in het feit dat ik hem zie als de grootste snoeren- en knoppenfreak ever. Ik kon hem vroeger ons kleine appartement wel uit kijken zodra hij aan het werk ging met kapotte geluidssnoeren of werkte aan de knoppen van een mengpaneel. Zoveel rommel, dag in dag uit. Sinds zijn bedrijfspand en onze zolder, kijk ik hem het huis niet meer uit, want wat je niet ziet, irriteert niet!

Aankoop
Oh, wacht, ben ik helemaal vergeten te vertellen wie de hoofdknop in deze blog is. Het is een knop die een deurbel laat luiden. Benjamin vond dit systeem tijdens een mum-sun-date. Na ons bezoek aan de McTroep. Ik bedoel Donalds en met een paar tassen kleding in de handen, eindigden we onze avond bij de Action. Daar luidde een bel in zijn hoofd, schoten zijn wenkbrauwen omhoog, vergrootten zijn ogen zich en flapperden zijn oren van plezier.
    ,,Mama, dit is superhandig.”
    ,,Nee, dat is een nutteloze deurbel-systeem-ding-bel. We hebben al een bel, dit is prullaria in zijn onnodigste vorm.”
    ,,Nou, ervanuit gaande dat deze bel het doet…”
    ,,Precies, ALS hij het doet...”
    ,,Dan is het handig voor jou.”
    ,,Wacht, bedoel je niet papa? Hij is van de knoppen.”
    ,,Nee mam, het is voor jou om te gebruiken als we gaan eten.”
    ,,Bedoel je dat ik dan niet meer op je kamerdeur klop, maar op de bel druk, die aan je deurpost zit? Wat is mijn winst?”
    ,,De zender en ontvanger kunnen verder uit elkaar.”
    ,,Bedoel je dat ik bij de Appie al bel, zodat je weet dat ik een maaltje scoorde en naar huis kom? Boeit dat jou iets dan? Jij vindt het pas belangrijk als het eten op je bord ligt.”
    ,,Maham…” zuchtte Benjamin. Ik snap het wel, ik word ook wel eens moe van mij. ,,Als jij de belknop nou ergens in de keuken legt en ik de ontvanger in mijn kamer, kun je bellen als het eten klaar is.”
    ,,Oh! Ik snap ‘m. Maar ik vind naar boven lopen nooit een straf hoor.”
    ,,Weet ik, je werkt graag aan je bips. Maar in de spits van het koken roep je vaker naar boven dan dat je naar boven loopt. En ik hoor dat niet altijd.”
    ,,Sttt.. niet doorvertellen, ik haat geschreeuw in huis.”
    ,,En daarom is dit de oplossing,” zei Benjamin en zwaaide met het pakketje voor mijn ogen en gaf het een plekje in het winkelmandje.

Misbruik

Zo luid ik sindsdien de bel als het eten klaar is, met de mooie bijkomstigheid dat Celine de bel ook hoort. Mijn jochie deed echt een goede aankoop! Al veroorzaakte het twee keer grote problemen. Onze reservedochter zag ‘m en drukte er drie keer op, waarop Benjamin beneden kwam. Kon hij die brok chagrijn daarbij niet boven laten?
    ,,Waarom belde je zo vaak mama?” Waarop ik madam aanwees. ,,Weet jij wel waar die bel voor is?”, vroeg hij aan Renske.
    ,,Dat vertelde je moeder.”
    ,,Zekerweten? Misschien heb je nu een bom in China tot ontploffing gebracht.” We konden lachen om dat idee, terwijl hij in zijn chagrijn bleef hangen. Hij liet mij beloven alle misbruik van de bel te voorkomen. Ben ik zonder betaling gebombardeerd tot hoofd belluiden.

Lellen
Ik zakte diep in die functie, want Laura kwam op bezoek en wilde op de bel drukken. Mijn hand weerhield haar daar nog net op tijd van, tot ieders opluchting. Ik legde uit waar de bel voor was, waarna zij met smart wachtte, want zij mocht na het koken de bel luiden.
    Op mijn teken drukte ze de bel dertien keer in. Ik had het niet door tot meneer beneden kwam en los ging. Ik zocht tevergeefs de witte vlag, verstopte de bel nog verder weg en hoopte dat Laura hier zonder kleerscheuren uit zou komen.

Rust
Gelukkig vergaten we snel alles en keerde rust weer. De bel klonk volgens afspraak alleen om voedertijd aan te kondigen. Tot Benjamin afgelopen maandag, 4 oktober, niet in zijn kamer zat en ik de bel zag. Ik hoorde Benjamins woorden naklinken:
    ,,Wie weet wat er gebeurt als je zonder goede reden op die bel drukt?” Daar ging mijn vinger, ik drukte… Prompt vielen Facebook, Whatsapp en Instagram uit.





woensdag 6 oktober 2021

Amsterdamse Waterleidingduinen - Het tientje van Waternet

Terugblik op 15 mei 2021
Zoals iedere week stelde mijn man ook gisteren de vraag: ‘Waar zullen we wandelen?’
    ‘In de Amsterdamse Waterleidingduinen.’
    ‘Bij Amsterdam dus?’
    ‘No way,’ opperde ik na wat speurwerk op wegwijzer Google Maps. ‘Bij Zandvoort.’
    ‘Daar zijn we al geweest.’
    ‘No way, deze duinen liggen onder Zandvoort. De Kennemerduinen, die jij bedoelt, liggen boven Zandvoort.’ Daarmee was een zandkorreltje gelegd en zocht meneer een wandelroute en startpunt. Ik zocht mijn weg naar de badkamer, mijn kledingkast en de Appie voor de vulling van onze picknicktas.

Vlonder pad
Manlief koos deze route: https://awd.waternet.nl/beleef/wandelroutes/detail/61, las dat de parkeerplaats vol was en kreeg de tip om met de fiets te komen. Met de fiets vanuit het midden van het land? Dacht het niet. We stalden de fietsen achterin de auto met eindbestemming: Buitenplaats Plantage B.V. in Vogelenzang. Dat lag 2,2 kilometer van ons startpunt. Eenmaal ter plaatse propten we onze jassen in de rugzakken. Het was verbazend mooi weer.
    Nog maar net op weg, verwelkomde een vlonderpad ons. Dat vind ik de leukste paden. Zeker deze, want het eindigde bij een prachtig standbeeld, een bezoekerscentrum en een prachtig meer with a view. Onze wandeling liep nu al vertraging op door het aantal plaatjes dat hier te schieten was. Geen idee wat voor watersysteem aan onze voeten lag - het intrigeerde - vooral om de prachtige weerkaatsing in het water. Wat een heerlijke start van deze tien kilometer tellende wandeling.


Bunker

Onze route vervolgend kwamen we bij een brug. We staken die we over. De kleuren groen, blauw, bruin en wit en die in allerlei tinten maakten me stil en kijk die weerkaatsing. Even verderop ontdekten we een soort van bunker met aan de overkant een andere.
    ‘Kijk een schietgat,’ zei manlief en sprong er in (eigenlijk liet hij zich er beheerst in zakken, maar springen klinkt speelser). Hij stak zijn arm omhoog als hield hij een geweer vast en schoot naar de bunker aan de overkant. Op de foto wilde hij die gekte niet showen. De bunker aan de overkant ligt behoorlijk verscholen, zie je 'm?
    Met een laatste blik op het meer liepen we door met dit voordeel: het aantal wandelaars nam af. Dat is het voordeel van routes langer dan vijf kilometer. We lieten de drukte rondom het startpunt achter ons en voelden ons al snel omringd door rust.



Duingrond
Onze weg liep al snel over een stuk duin waar de moed ons van in de schoenen zonk. Nu al ploeterden we in het losse droge duinzand en begrepen ineens het woord 'pittig' in de beschrijving van deze wandeling. Later bleken ook hoogteverschillen mee te spelen, verklap ik maar vast. Niet eerder liepen wij op zulke hoge duinen omhoog en omlaag. Fantastisch en inspannend dus.
    Even verderop betraden we een ander landschap. De lage gele begroeiing leek een eigen biotoopje op zich. Overal lagen omgevallen bomen en takken, soms waren de bomen niet omgevallen, maar omgebogen. Aan sommigen groeide zelfs nog blad. Best apart. Gedurende een hele tijd liepen we langs het water aan onze linkerhand en zagen steeds weerkaatsingen van bomen en wolken in het water.
    Tot aan het eind een bankje stond (er stonden overigens voldoende bankjes op de route). Ik nam plaats en wist mijn man ergens op onderzoek achter me. Of niet, want achterom kijkend leek hij van de aardbodem verdween. Voerden aliens hem af of zakte hij weg in de grond? Het was dat hij ineens van achter een bosje bomen lag te zwaaien, anders dacht ik echt dat hij me verlaten had.
    ‘Oh daar ben je.’ Ik zag zijn hoofd ergens boven uit komen en zijn arm zwaaien, voor de rest was hij weg, verscholen achter een of ander droogstaand bouwsel. Hem naderend voelde ik waarom hij precies hier lag. Het mos onder de schoenen voelde zo zacht; ik liep prompt in de wolken. Even droomde ik weg om vervolgens naast hem plaats te nemen.
    ‘Deze wandeling schiet al lekker op hè,’ merkte ik op om vlak nadat ik zat weer op te staan. Ik zag veel te veel leuke kiekjes om te stil te zitten.

 

Olijfberg

Niet veel later stond ook meneer op. We telden nog acht kilometer en zette de volgende stappen op die weg. We keken neer op het plekje waar we even eerder lagen. Just a piece of paradise. Echt, Nederland toonde ons het afgelopen jaar hoe mooi ze is. We wonen in een mooi land en zoveel niet beschreven.
    Hé, wat doet dat PTT paaltje hier? Ik pakte meteen een kaart uit mijn tas, maar vond de gleuf van de brievenbus niet. PTT is toch het vroegere Post.nl? Maar wat doet die naam hier?
    Ah, die info vinden we op bovengenoemde site. Handig.
    Vol vragen wandelden we door en betraden gebied dat voor ons leek op Getsemane of de Olijfberg in Jeruzalem. Nooit geweest, maar ik stel het me zo voor. Het landschap oogde ruig, dode bomen lagen op de grond en van de bomen die nog rechterop stonden weet ik niet voor hoe lang. Andere bomen groeiden alle kant op. Intrigerend.
    ‘Irene, kijk een damhert!’, wees Marcel. Het bleken er meerdere. Ze stonden te ver voor een kiekje, daarom zetten we het vast in onze herinnering door een poosje te blijven kijken.



Uitkijkpunt
Niet veel later liepen we rondom een hoge duin.
    ‘We komen daar toch wel bovenop?’, vroeg ik wijzend naar de top.
    ‘Zullen we er anders op klimmen? Ik las dat we in deze duinen off-road mogen wandelen.’
    ‘Echt? Dat zeg je nu pas? Ik verlaat zo graag de gebaande paden.’ Toch liepen we netjes op het pad verder, want we geloofden er in dat het pad niet voor niets zo leidde. Wie weet wat we misten als we nu de duin op klommen?
    Dan mistten we twee plekken die verraden dat in deze duin bunkers verstopt lagen. Even onderzochten we de meegaandheid van de deur. Het gaf mee als een loden muur. Daarom vervolgden we de route en tada, bereikten de top van de hoge duin met een uitzicht van bijna 360 graden rond. In de verte zagen we Zandvoort en een stukje zee.
    Het was een perfect plekje om de grond te raken met onze bipsen, een appel te knagen en wat water te drinken.


Moment stilte
Weer verder lopend veranderde het zanderige duingebied in bosrijker gebied en weidsere ruimte met even zo plotseling andere begroeiing, als een grenslijn. Opnieuw zagen we damherten. Deze keer dichterbij. Bijna onverstoorbaar bleven ze van de grond eten. Tot we met een harde kraak onder de schoen die ene stap te dichtbij zetten en de herten opgeschrokken weg dansten.
    Even verderop viel een rechtopstaande steen ons op. Ik hoopte niet voor die afslag naar links te moeten, al zou ik dan toch doorlopen, nieuwsgierig als ik ben, en dan terug naar de route. Het bleek een oorlogsmonument, dus viel ik even respectvol stil.
    Waarna we gebied in wandelden waarbij ieder moment Simba van achter op ons af kon komen met Nala in zijn schaduw. Ja, de jonge leeuwen uit The Lion King. Kijk nou zelf, dit kon hun decor zijn?

 
Rivier
Verderop naderden we een oversteekplek, waar we overheen liepen en vervolgens een heel eind langs een prachtige rivier door de duinen wandelden. Vooral hier viel de stilte ons op of in ieder geval het uitblijven van de eeuwige ruis van (snel)wegen. Hier heerste stilte.
    Alhoewel? We hoorden allerlei vogels en eenden, meerkoeten, futen en zwanen zwommen in het water voorbij. Aan de overkant zagen we opnieuw damherten. Wat een heerlijkheid en rust ook voor de dieren die vrij hun (water)gang gingen.




Dichten
Trouwens ook erg leuk, waren de paaltjes als bewegwijzering. Op deze paaltjes stond op elke zijde een spreuk als: de tijd haalt je in; frisse wind; er hangt iets in de lucht; wat voel je nu? Ik moet dan de neiging beheersen er niet bij te gaan zitten en een Elfje, Pantoum of Haiku te schrijven.
    We wandelden door over struinpaadjes, die we vaker op deze route bewandelden. Hier waren ze langer en kronkelden langs het water. Daarbij volgden we weer een andere stroom en liepen langs een hek dat geen hek was. Ik bedoel maar, de palen stonden er, het prikkeldraad mistte. Zo gebeurde het dat ik aan de ene kant van het hek en manlief aan de andere kant van het hek liepen. Wie liep nou op heilige grond? Tot we een overstap plek zagen en we het hek over moesten.
    Verderop troffen we een zwaan die wij aankleefden. Hoewel we ons af vroegen wie nou wie het meest in de gaten hield. Toch zag ik nooit eerder kans om de kop van een zwaan in het water te zien, terwijl hij eet van de bodem.


  

Eindpunt

Om na een paar punten verder het laatste gedeelte van onze route te bewandelen. Daarbij lieten we de mulle duingrond en alle hoogteverschillen achter ons en bewandelden vlakke grond. Best lekker eigenlijk, hoewel we dit het minst leuke gedeelte van de wandeling vonden. Ik besefte dat we vooral eerder zo verwend waren, dat dit minder mooi leek. Belachelijk, want het was mooi en vlak. We liepen lekker uit.
    Om af te sluiten bij het meer waar we begonnen, maar dan van de andere kant.


We dropten onze rugzakken in de fietstassen, stapten op en fietsten lekker terug naar de auto: moe van de 10 kilometer achter ons, maar het fietsen was verfrissend, zeker met het idee van pizza á la car op het menu. Tja, als de terrassen dicht zijn, moet je toch ergens eten?

Tot de volgende wandelverrassing
en niet verdwalen,
Irene