zaterdag 18 september 2021

Sollicitatiebrief

Met nog ongeveer 500 meter voor me, strompelde ik naar onze auto. Ik wist die even verderop; onder de A2 door, dan links nog een stukje weg op en nog iets door zou ik op de parkeerplaats, tada, tegen onze auto op bumpen. Nog even door sobbelen*.

Luisteren

Het is hoe ik de laatste tijd mijn wandelingen uitwandel. Ik was al niet van de lange afstanden. Tien kilometer was zo’n beetje mijn maximum met af en toe een uitglijder tot 14 kilometer. Dat had ik ervoor over als de wandeling een hoog gehalte oh's en ah's en een flinke dosis schitterendheid beloofde. De prijs betaalde ik achteraf met pijn en drie dagen zware vermoeidheid.
    Ineens kwam een nieuwe klacht op de proppen of eigenlijk in mijn heup en zei mijn huisarts:
    'Wandelen mag, maar als je moe bent, MOET je stoppen. Dan stuur je jouw man maar vooruit om de auto te halen. Luister naar je lichaam.’ Hahaha, ik luisteren? Dat is nooit mijn beste eigenschap geweest. Wat te maken heeft met het feit dat mijn lijf nooit topfit was. Daarbij ben ik opgevoed met het idee van: rust roest. Tijd moest nuttig besteed worden, hoe krijg ik dat toch ooit uit dit lijf?

Voltreffer

Gelukkig luister ik toch wel beter naar mijn lijf. Ik fiets meer en wandel minder. Tot mijn verdriet, maar oké.
    Bij de start van deze blog wandelde ik bij IJsselstein. De grap was dat Marcel al net zo moe bleek te zijn als ik.
    ‘Het is toch wat met ons oudjes. Zelfs vijf kilometer is ons teveel.’
    ‘Noem je mij nou een oudje?’
    ‘Ja, dat ben je toch? Jij bent 50+,’ zei ik en keek schuldbewust de andere kant  op, waar deze straatposter van Coolblue mijn aandacht trok. Een voltreffer, vond ik, want de boodschap leek perfect voor mij.


Haast

Van het ene moment op het anderen, zette ik het bijna op een sprintje en hoorde ik Marcel achter me:
    ‘Hallo, waar ga jij ineens naartoe? Wacht op mij!’
    ‘Ik moet naar huis, ik heb inspiratie.’
    ‘Hoezo dit ineens? Wat voor inspiratie?’
    ‘Ik heb inspiratie voor een sollicitatiebrief.’ Geen idee wat mijn antwoord bij Marcel teweegbracht. Hij had maar zo van verbazing kunnen struikelen over een lieveheersbeestje.
    Wat mij aanging, Coolblue maakte daar waar wat zij beloven: alles voor een glimlach. Ik had die op mijn gezicht; onthoudt de cool, vergeet de blue.

Terugkijken
Even iets tussendoor.
    Ik vergeet nooit onze eerste bestelling bij hen en vooral wat ik allemaal las in hun email. Dat alles beschreef ik hier. Die blog kreeg een staartje, want ik maakte confetti, bestelde nog iets en verraste de bezorger, wat leidde tot deze blog. Tel daar een bezoek aan Coolblue in Utrecht bij op en ons plezier was compleet. Op de deurmat stond: "Mat, niet glanzend". Op de toiletdeur stond: "Voor al uw andere boodschappen". Voor de rest bezoek je de winkel zelf maar. Vergeet hun vervoermiddelen niet. Op hun busjes staat: "Bus Klopt!" Breng daar eens iets tegenin. En de fiets dan: "Fiets Fieuw!" Moet me altijd inhouden om niet te fluiten.

Collega
Zij zoeken dus collega's? Hier ben ik. Ik heb tijd voor een volgende move. Even denken: hoe gaat zo’n sollicitatiebrief ook alweer? Even oefenen.


* Strompelen of struikelen. Zo leuk om synoniemen te zoeken, dan leer je nieuwe leuke woorden.

zaterdag 11 september 2021

Struinen in de Tuinen

Deze blog begint direct met een uitdaging, want Struinen in de Tuinen draagt geen thema waar ik mijn verhaal aan op kan hangen. Nu moet ik zelf bedenken waar dit verhaal over gaat. Dat is dus een uitdaging.
    Dat is het thema: Uitdagingen in Houten. Neem ik je meteen terug in de tijd. Het jaar dat Willy, je weet wel die van Maxima, ons dorp bezocht. Een maand of twee na hem fietste ik voor het eerst over de Houtense fietspaden.
    Wacht even… Ineens besef ik dat heel Houten Zuid toen niet bestond. 
    ,Jeroen, waar woonde jij toen? Vast niet in een hutje in de boomgaard die het toen was. Heb ik je vorig jaar uitgebreid ondervraagd, kwam deze vraag niet eens in me op.' Ik wacht niet eens zijn antwoord af en kwebbel door.
    ,Mensen, het is door Jeroen van der Maat, jullie en onze gastheer, dat wij hier staan, maar niet zonder te stikken van de zenuwen. Je ziet het niet. Als ze meetbaar waren, zou het een waarde op de schaal van Richter geven. Ik zeg 2,5 op die schaal. Hoe is dat bij jullie Marcel en Celine? Neem het maar even over, voel het maar.'

***

Terug naar het jaar van Willy; het jaar dat wij de sleutel van ons huis kregen. Het was april. Madam ik-heb-twee-linker-handen, werd weggestuurd:
    ,Zoek jij eens uit waar het centrum ligt.’ Een uitdaging dus, want Google Maps bestond in de verste verten niet. Mijn enige routebeschrijvingen waren mijn gevoel volgen of mijn neus achterna lopen.
Daarbij geeft Marcel zonder twijfel toe dat die navigatietools sowieso vele malen beter werken dan zijn richtingsgevoel.
    Ik besloot de meeste fietsers op hun weg te volgen. Links dus en nam de negen maanden oude Celine mee in de wandelwagen. Nog amper de wijk uit, overviel me een intens geluksgevoel. Ken je dat? Het gevoel dat de zon voor jou alleen schijnt en een overvloed aan narcissen in alle tinten geel je dag opfleuren. De waarheid is dat het mijn werkelijkheid was. Narcissen sierden de route, de zon scheen. Het was een perfecte dag.
    Ik bereikte het Kant, het Onderdoor en het Rond. Ik kan nog steeds voelen wat ik toen voelde, ik was thuis.

Huis uit
Het was ook de tijd dat huizen belachelijk snel van eigenaar wisselden. Net als nu, alhoewel toen zonder belachelijke overwaarde. Onze zoon, Celine’s broertje, droomt nu van zijn eigen huis. Een huis, waarvan de cijfers hetzelfde waren als ons huis in 1999. Voel je ‘m? Toen waren het guldens, nu zijn het euro’s. Wat het extra absurd maakt? Hij, het broertje die helemaal geen tje meer is, is twintig.
    Het was nog maar pas, 2001, dat ik in zijn kleine afhankelijke oogjes keek. De start van levenslang. Een levenslange verliefdheid van mijn kant. Hij keek terug alsof ik zijn hele wereld, nee, zijn hele universum was. Nu weet ik beter: zijn wereld zijn YouTube en Lara, met wie hij zijn huis wil delen. Daarmee verruilt hij zijn pixel van tweeënhalf bij drie meter voor een eengezinswoning. Dan kruipt hij niet meer onder de wol onder mijn dak, maar in zijn eigen stolpje.
    De uitdaging in deze? LOSLATEN, in grote letters. Heeft iemand een zakdoekje? Celine zing even iets, maar alsjeblieft geen janknummer.

***

Terug naar het gezinsleven, dat zijn weg volgde. Ik kreeg mijn handen meer vrij. Bloggen werd mijn ding en Celine ontwikkelde een stem waar ik stil van werd. In de ogen van fans vormden wij met Marcel een top combi voor deelname aan Gluren bij de Buren. We deden twee keer mee. Juist de tweede keer bezocht één gezin ons dat er qua enthousiasme bovenuit steeg. De vader van het gezin beloofde ons voor 2020 een grotere opkomst. In zijn ogen was onze act waar het bij Gluren bij de Buren om gaat: je deur openen om te laten zien wat je achter gesloten deuren met elkaar aan passie deelt. Zijn belofte voor meer publiek bezorgde mij zenuwen met de waarde van 3,8 op de schaal van Rigter.
    ,Schroef de onhoudbare spanning vooral op,’ antwoorde ik. De tijd verstreek. Ik vergat dit alles een beetje.

Weekkrantje
Wel viel iedere week ‘t Groentje op onze deurmat. Soms ook niet, maar dat boeide me niet tot ik zelf voor die krant schreef. Het gevolg van natuurlijk weer een uitdaging die startte in het Taalhuis waar ik vrijwilliger ben. De coördinator vroeg me een stukje te schrijven over een thema-avond voor de krant. Super tof! Dacht ik, tot ik hoorde dat men me opzij zette. Ik zou te laat zijn voor de deadline waar een journalist wel op tijd kon zijn. Marcel hoorde dit.
    ,Je bent er die avond bij. Spreek gewoon die journalist aan en vraag hoe je binnenkomt bij de krant.’ Kort verhaal lang, zoals Willy Kruijssen zo leuk zegt. Ik antwoordde met:
    ,Ja, joh, dat doet deze verlegen muts wel.’ Hij stelde vaker meer vertrouwen in mij dan ikzelf. Met zijn opmerking en vooral zijn geloof in mij in mijn broekzak, stapte ik die avond op de journalist af. We kletsen wat en ik vroeg naar mijn kansen voor een plekje in de krant. Ze kon het niet zeggen. Tot ze me een paar maanden later appte en schreef: Ze zoeken schrijvers.
    Impulsief als ik ben mailde ik direct de redactie, hoorde een kwartier later mijn telefoon gaan, waarna een afspraak voor vier dagen later mijn agenda sierde. Twee weken later zette ik mijn handtekening onder een contract waarmee ik mijn publicatierechten weggaf, maar alle auteursrechten behield. 
    Tijd voor een feestelijk nummer, Marcel en Celine?

***

Op verzoek van de redacteur kwam ik in contact met Jeroen. Hij wilde graag vertellen over zijn werk in het Eetatelier en de invloed van corona op het personeel. Het was een super fijne ontmoeting en bleef niet zonder gevolg.
    ’s Avonds zei mijn telefoon PLING en stond in het scherm: Mijn vriendin hoorde jouw naam, linkte die aan je blog en aan Gluren bij de Buren. Nu weet ik waar ik je van herkende.
    Het bewijst: Houten is klein! Marcel herinnerde zich dat ene enthousiaste gezin weer en zijn belofte voor meer publiek. Lang verhaal toch maar kort: na het afblazen van Gluren bij de Buren vorig jaar, staan we nu hier, in het Eetatelier.
    Jeroen bedankt! Je bent een topper. Jouw enthousiasme is aanstekelijk laat niemand die ooit stelen.

Burgemeester
Noemde ik Jeroen een topper, ik ken er meer. Zo is daar onze burgemeester. Ik ontmoet hem nogal eens door het werk voor de krant. Daarom bedacht Marcel een jaar of twee geleden deze uitdaging:
    ,Jij moet het nummer van de burgemeester zien te krijgen, zodat je beter met hem kunt overleggen over klussen.’ Hij zag me al staan met mijn armen in mijn zij:
    ,Zeg vriend, geef mij eens je nummer.' Slecht plan! Ik durf never nooit niet die man om zijn nummer te vragen. Het lef! Tot ik naast Isabella stond na het maken van foto’s voor de krant.
    ,Stuur je mij een paar foto’s toe?’
    ,Prima, doe ik dat via je secretaresse?’
    ,Nee hoor, app ze maar, hier is mijn nummer,’ en propte zijn kaartje in mijn hand.
    Mag jij raden wie ik eerst appte. Ik geef je bedenktijd in de vorm van een liedje door Celine en Marcel.

***

Blijven we nog even bij Isabella, want we hadden laatst zo iets leuks met hem. Marcel en ik zaten in de trein van Utrecht naar hier. Prompt zag ik iemand instappen die wel heel erg op Isabella leek, al was het enorm incognito. De beste man droeg een pet, zonnebril en zeer kleurrijke overhemd. Marcel zat beter in zijn zicht, ik tikte hem aan:
    ,Hé, is dat niet onze burgemeester?’
    ,Geen idee.’
    ,Heeft hij zijn arm in het gips?’
    ,Dat kan ik niet zien, maar hij appt. Stuur een appje.’ Prompt volgde ik zijn idee en schreef: Zit jij toevallig in de trein naar Houten? Drukte op verzenden en hoorde PLING. Direct draaide Isabelle zich om en zag ons enthousiast zwaaien. Zwaaien doe ik liever dan het aangaan van de uitdaging die Marcel me gaf na het krijgen van Isabella’s nummer.
    ‘Nu moet je een bakkie doen met de burgervader.’
    ,Je denkt toch niet dat ik out of the blue, pink of purple een appje stuur met de vraag of de dorpsbaas een bakkie met me wil doen?’

Vruchteloos

De uitdaging liet ik niet helemaal los. Ik nodigde de burgervader uit om hier vandaag te zijn. Door de uitdaging in deze blog te beschrijven, kan ik hier direct de koffie door de keel gieten, door hem hier te vragen een bakkie te doen.
    Maar tijdens de eerste ronde was Isabella er niet.
    De tweede ronde was Isabella er niet.
    De derde ronde was er nog geen Isabella.
    Feit blijft dat ik graag het volgende zou hebben gezegd:
    ,Gilbert, wat leuk dat je erbij bent. Wat denk je ervan? Nu gelijk maar eens dat bakkie doen? Marcel betaalt. O weet je wat? Dan doen we het gelijk goed, met een stukje gebak! Kunnen we gelijk even babbelen over de komende huwelijken, want ik mag toch onderhand wel weer mee?'

Afsluiter
Je raadt vast wel wie een link van deze blog krijgt. Echter niet voordat ik dit verhaal goed afsluit.
    Het is door mijn werk dat ik alleen maar toffe mensen ontmoet. Zoveel dat ik namen weer vergeet, sorry daarvoor. Daarnaast kom ik op bijzondere plekken als de toren van het kerkje in Tull en ’t Waal en een ochtend lang op de pont bij Fort Honswijk. Houten is mijn wereld geworden. Het is mij groot genoeg en lekker dichtbij. Daarbij past schaamte, want al woon ik hier ruim 22 jaar, ik ontdekte pas vorig jaar het prachtige Lint- en Liniepad en de vele forten op het Eiland van Schakwijk. Het Verdronken bos ken ik dan weer langer.
    Het zijn plekken die je echt moet zien. Maar niet te ver doorvertellen, anders wordt het zo druk.

Applaus
Zo zie je, door uitdagingen sloot ik Houten mijn hart. Ik weet zelfs waar ik begraven wil worden, maar eerst nog leven, leven in de brouwerij. Nee, in dit Eetatelier, maar niet zonder even te rammelen met de spaarpot, want hoewel het een gratis feestje is, kost het wel geld. Mocht je genoten hebben en volgend jaar weer willen feesten, geef dan een fooi voor de organisatie van Struinen in de Tuinen. Want after all, voor niks gaat de zon op en regent het. Over regen las ik laatst deze regel van Pauline Pisa: "Regen heeft wel iets weg van applaus".
    Mag ik applaus voor Jeroen en zijn team en voor Marcel en Celine die jullie uitzwaaien met een lied.
    Heb ik nog één ding te zeggen:
    ,Bedankt!'


Extra note: Dank aan Ivo van Struinen in de Tuinen, dankzij hem werden wij genoemd in onderstaand artikel in 't Groentje Houtens Nieuws. Tof hè?


vrijdag 3 september 2021

Fototentoonstelling

Soms heeft mijn man zulke leuke klussen, dat als ik er van hoor, ik al bijna in de trein richting Utrecht spring om het eigenogig te zien. Hij moet me dan werkelijk tegenhouden met de woorden:
    ,,Maar ik plaats het pas volgende week.”
    ,,Oh, wanneer volgende week?"
    ,,Woensdag en donderdag. Ik hou je op de hoogte.”
    ,,Top, dan hou ik donderdag in ieder geval vrij, dus je mag woensdag niet ineens klaar zijn.”
    ,,Geen zorgen vijftien borden plaats ik niet in één dag.”

Vakantiedag

Omdat ik zelf nog niet omkom in het werk voor mijn krantje, zocht ik gisteren mijn wandeloutfit bij elkaar, zorgde voor een volle smartphone en nam de trein. Het idee was gewoon even gauw heen en weer. Al weet iedereen die, mij goed kent dat een snel heen-en-weertje voor mij onmogelijk is zeker als ik mijn stadsie Utrecht bezoek. Alleen al de eerste stap uit de trein voelt voor mij als ultieme vrijheid; even weg van alles wat me thuis bezighoudt.
    Zo stapte ik de stationshal in, kocht een Café Mocha bij Starbucks en wandelde richting Catharijnesingel, deze keer dan.
    Deze singel is sinds de vernieuwing een fantastisch mooie oase van rust en ruimte geworden. De wilde bloemen die er groeien, de ouder ogende lantaarnpalen, de bankjes… Ach het is gewoonweg een mooie plek om te lanterfanten.

Geraakt

Al snel ontdekte ik het eerste bewijs van mijn mans ingrijpen aan de singel. Ik wandelde op het eerste paneel af. Daarop las ik informatie over de fototentoonstelling die vanaf vandaag geopend en te zien is, waar mijn man dus gisteren nog aan werkte.
    Fotograaf Ruud Spaargaren portretteerde en stadsdichters schreven gedichten bij de verhalen van verschillende dak- en thuislozen. Bij het lezen van dat eerste paneel was ik geraakt; al was het maar door die ene zin: ‘De omgeving van de mens is de medemens.’ Die was raak!

Onbegrip
Ik bedacht direct daarop dat ik niet begrijp dat mensen deze zeer tijdelijke tentoonstelling niet omarmen, maar juist verguizen. De panelen, waarvan ik dacht dat ze veel groter zouden zijn, vallen op, maar verpesten zeker niet het over-all beeld van de singel en het Zocherpark. Als je ze niet op je foto’s wilt zien, is dat mogelijk. Ga er lekker achter staan en KLIK.
  
 
Beter lijkt het me om eerlijk en open te kijken. Zie de mens en lees de gedichten. Laat het tot je inwerken. Bij ieder gedicht ontdek je een verhaal.
    Een verhaal dat (mij) raakt. Maar natuurlijk, ik zal wel weer uitgescholden worden voor gevoelige muts en men zal zeggen:
    ,,Tuurlijk je man heeft het geplaatst.”
    Doe maar. Ik pleit ervoor te stoppen met praten, wordt eens even stil en kijk en lees. Deze tentoonstelling gaat over mensen, net als jij en ik, hun leven liep alleen anders, maar daarom zijn ze niet minder waard.

***

Voor de geoefende lezer, mijn fans nog even dit:
    Zoals je ziet koppel ik hier verschillend hobby’s aan elkaar: wandelen, koffieleuten, mijn favoriete stad bezoeken, fotograferen en foto’s van een ander bekijken, gedichten lezen en aan het eind mijn manneke zien werken. Oh, dat vind ik zo heerlijk
    Dit was leven op mijn vrije dag. Overheerlijk lekker dus.

Wissen
Utrecht is zo ondertussen wel een enorm ding, besef ik na het bezoeken van verschillende steden in ons kikkerlandje. Het is een stevig ding in mijn hart geworden.
    Geboren in New Zealand en als vijf/zes jarig meiske van daar vertrokken met mijn ouders in een vliegtuig naar Nederland, hun geboorteland, veranderde mijn leven. Het lijkt er op dat ik met het verstrijken van de kilometers alle herinneringen achter met liet. Met hemelsbreed ruim 18.500 kilometer op de teller is er genoeg tijd en ruimte om te wissen. Zo lijkt het.
    
Ik verloor de taal in twee weken en de herinneringen voor mijn gevoel nog sneller. De psycholoog die me rond mijn 30ste begeleidde wist te zeggen dat als hoog sensitief meiske en compleet overdonderd door zoveel nieuws: een ander land en cultuur, een heel nieuwe familie (twee familie’s zelfs, die van Van Hoof en Van Dalen) en de taal. Hoewel ik Nederlands verstond, sprak ik het niet in New Zealand. Eenmaal in Nederland sprak ik binnen twee weken Nederlands en klonk heel lang geen Engels meer.
    Om al dat nieuwe te leren kennen en accepteren in mijn kleine kop, moest ik andere dingen wissen.

Adoptie
Ik vind dat eigenlijk enorm verdrietig. Echt. Het land moet zo mooi zijn en ik weet het niet (meer). Het voelt of ik mijn verleden volledig gewist heb en soms zelfs eigenlijk niet weet wat te zeggen op de vraag:
    ,,Waar kom jij vandaan?”
    Tot gisteren die wandeling langs al die foto’s van dak- en thuislozen. Toen bedacht ik: deze binnenstad is zo onder mijn huid, nee in mijn hart gekropen, ik adopteer deze stad. Ik adopteer Utrecht binnenstad als mijn geboorteplaats. Zo!
    En weet je? Blijk ik ineens geboren in de stad van mijn man.
    Dat voelt dubbel zo goed!



Het verhaal van de spullen:

Ze konden wel een dagje zonder
lekker
zonder de mens op stap
gewoon eens los
van waar die heen ging
op een eigen plek
blijven liggen, zitten of staan 
op zichzelf
genietend van de singel 
van voorbij lopende mensen
het kabbelende water
de ruis van verkeer
en blijven
eo lang als ze zelf wilden
wat heerlijk
even zonder mens

zaterdag 28 augustus 2021

Vragenlijst

De deurbel gaat. Celine staat iets sneller dan ik bij de voordeur. Tja, ze is dan ook wat jonger en fitter hè. Het bewijst vooral niet dat zij nieuwsgieriger is dan ik ben. Ik vermoed dat die gelijk is aan elkaar, zoals er meer gelijk is aan ons. Absurd vaak klinkt:
    ,Jullie zijn zeker moeder en dochter.’
    ,Hoezo?’, vragen wij dan, terwijl we elkaar aankijken van: Yes! En slaan onze handen als een high five tegen elkaar.

Deurbeller
De vraag wie op de deurbel drukte, wordt mij beangstigend snel duidelijk. Op het shirt die de meneer tegenover ons draagt, staat: Vriendenloterij. Voordat Celine haar mond durft te openen, klinkt uit mijn mond:
    ,Ach meneer, ik zie het al, we zijn niet geïntere…’
    ,Mama, waar is die vragenlijst?’, het is Celine die paniekerig om zich heen kijkt. Ik negeer haar. Ze kijkt rondom het plankje, achter de plant, op de grond en vindt geen vragenlijst.
    , …sseerd,’ maak ik mijn zin af. Zowaar blijft de man vriendelijk en netjes. Met een twinkel in zijn ogen antwoordt hij tot mijn verrassing:
    ,Dat is duidelijke taal. Dan wens ik jullie een fij…'
    ,Momma!!!’ roept Celine nu wat harder: ,Waar is de vragenlijst? Deze man mag nog niet weg, eerst de vragen beantwoorden.'
    ,Sorry ik heb ‘m weggelegd tijdens een schoonmaaksessie. Ik denk dat ik weet waar die ligt,’ antwoord ik snel tussendoor en kijk de man aan.
    , …ne middag,’ besluit hij zijn zin. Zo verloopt een gesprek met ADHD-ers dus. Het lijkt alsof de beste man het gewend is. Hij blend perfect in. Of kent zijn tekst zo goed, dat hij erin blijft. Hoe dan ook is hij is goed! Tenminste iemand die zijn focus bewaart. Hij blijft gewoon staan.

Nieuwsgierig
Logisch, wij wekten met het woord "vragenlijst" zijn nieuwsgierigheid en daarmee die van zijn collega die verderop op de stoep het hele gebeuren gadeslaat.
    ,Oké, meneer, weet je wat? Kom over een kwartier terug, ondertussen zoeken wij die vragenlijst. Ik beloof je: het is de moeite van terugkomen waard.’
    ,Mag ik ook terugkomen?’, vraagt zijn collega.
    ,Natuurlijk, dit wil je niet missen. Maar…!!!’, voel je de urgentie: ,Als je terugkomt, wordt direct alles opgenomen en gebruikt voor een blog. Dat is part of our deal.’
    ,Oké,’ zeiden de mannen toch ineens wat afwachtend op hun hoede.

Uitleg
Even over die vragenlijst. Het is het humoristische gevolg van onze irritaties rondom mensen die onaangekondigd, ongevraagd, zonder afspraak en zonder enige connectie met ons durven aanbellen. Het lef!
    Marcel is kei-afpoeieraar, waarna ik altijd wat medelijden voel voor deurbellers. Zij doen alleen hun werk. Al poeier ik ze evengoed af, het duurt alleen wat langer. Ik ben langdradiger (net als in mijn blogs) en vriendelijk, denken ze. Ik laat ze, als ik alle tijd heb, bewust hun hele verhaal vertellen. Zo mijn ene oor in en het andere uit, puur om hun tijd in te pikken. Eigenlijk offer ik me daarmee op voor de buren, want als ik ze vasthoud, hebben de deurbellers minder tijd voor de buren.
    Celine kwam vorig jaar met het beste plan: een vragenlijst om aanbellers met een berg humor weg te krijgen. Dat, die humor, past ons uiteraard het best en zou op een dag tot een blog leiden, dat wisten we toen. Het duurde alleen even, nou ja tot vrijdag dus.

Gevonden
Ondertussen loop ik naar mijn bureau in de serre en vind direct de vragenlijst. Ik weet waar ik mijn rotzooi laat. Echt handig. Vervolgens rennen we naar de voordeur, om te voorkomen dat de vriendenloterijmannen bij buren aanbellen. Ze staan inderdaad nog op de stoep, een paar meter bij onze tuin vandaan.
    Nu kan ik het hele verhaal beschrijven, maar weet je wat? Kijk gewoon dit verborgen filmpje https://youtu.be/Ie3wGP8Sg04, ik heb het dan niet voor niets opgenomen enne, geen zorgen, de mannen gaven toestemming voor het plaatsen van dit filmpje alleen wel in mijn blog. Dus ik plaatst het niet openbaar op YouTube.
    ,Dank mannen, ik weet dat jullie deze blog lezen.'

Sticker
Terecht zei de man na afloop dat we een sticker aan de deurpost konden plakken. Je kent ze wel, een met de tekst: Wij zijn al bekeerd (dat denken we werkelijk te zijn, of het de goede bekering is? Daar twijfel ik zelf steeds meer aan, maar oké). Dit kan ook: Als u het waagt hier aan te bellen brengen wij direct €25,- in rekening. Ach, maak er meteen €250,- van. Ik zeg opplakken!
    Of toch niet.
    ,Natuurlijk kan een sticker ook, meneer, maar zeg nou zelf, deze vragenlijst is toch veel leuker?' Op naar de volgende aanbeller!



zondag 18 juli 2021

Grifpark

Onze wandelzin gaat onverminderd door, hoewel de vraag:
    ,,Waar gaan we vandaag eens wandelen?”, steeds met een spontane wij-wandelen-achter-onze-neus-aan-wandeling wordt beantwoord. Blijkbaar hebben we niet altijd meer zin in de voorgekauwde paaltjes of online wandelroutes in de natuur. We kiezen vaker voor cultuur en stad. Zeker nadat manlief een tip kreeg van een opdrachtgever:
    ,,Je kunt via het Krommerijnpark, over de Oosterspoorbaan, langs de Singel naar het Griftpark. Het is een wandeling in de stad, maar leidt van park naar park." Voor wie deze plaatsen niet kent, ze liggen allemaal in Utrecht, Stadsie waor!!!
    Natuurlijk bekeken we dit idee op de kaart en zagen tot onze verrassing, dat het inderdaad een behoorlijk groene lint vormde. We gingen ervoor en besloten er een NS-wandeling van te maken met startpunt Station Utrecht Lunetten.

Lunet I
De start was daarmee het minst mooi, want we wilden vandaar uit naar de Koningsweg. We moesten het
spoor onderdoor, lieten daarmee Lunetten direct achter ons en liepen het Maarschalkerweerdpad op.
    Let op: de fietsers fietsen er rakelings langs je heen, al loop je nog zo duidelijk op het gedeelte voor wandelaars.
    Het volgende stukje over de Koningsweg was evengoed niet het mooiste gedeelte, maar aangekomen bij Fort Lunet I maakte voor mij alles goed. Nou ja, bijna alles. De brug naar het fort stond vol mensen, anders had ik er gestaan, kijkend door en met beide handen aan het hek, me afvragend wat er allemaal te zien was. Ja, ik ben nieuwsgierig en ja, forten boeien me.

Jaagpad
We liepen het fort voorbij om tot het Jaagpad te lopen. Ons idee was deze links op te gaan, de brug onderdoor en door het Krommerijnpark te lopen. Tot we op dat punt belandden en rechts keken.
    ,,Zijn we verplicht links te gaan als rechts ons roept?"
    ,,Nee," klonk rechts van me, waarop ik direct rechts het pad op liep.
    ,,Hoe ver is de eerste brug?”
    ,,Niet zo ver.”
    ,,Dan wacht het Griftpark maar wat langer, dit eerst.” Even verder op dat pad, besefte ik dat aan de overkant de parkeergarage van Stadion Galgenwaard lag. Ik besefte nooit eerder dat dit stukje natuur zo dichtbij dit bouwwerk kon liggen. Zo gaaf, lekker verrassend! Mijn wandeling kon al niet meer stuk. En voor me lag het leukste: lekker luieren in het Grifpark.
    Bij de brug liepen we de Kromme Rijn over en via de andere kant weer terug. Nog even de ophaalbrug op de foto geslingerd en door.


Kasteeltoren
De Kromme Rijn volgend kwamen we uiteindelijk uit bij de Oosterspoorbaan. Wat een gave plek. Ooit lag er een treinspoor. Bewijzen daarvan zijn de nog aanwezige bovenleidingen, de rails die hier en daar nog in de grond liggen en een stootblok. Voor de rest oogde het pad als een lint vol bloemen- en plantenpracht waar wandel- en fietspad gescheiden van elkaar de eigen ruimte hadden. We liepen over de baan tot we tussen de daken door een kasteelachtige toren zagen.
    ,,Ken jij die toren?"
    ,,Geen idee kom we gaan er naartoe." Hup daar namen we een D-tour om op de gok de weg naar dat gebouw of die toren te vinden. Op de gok liepen we links de wijk in; pas later beseffend dat de hoek die we maakten enorm om was, maar wel wat leuke opvallende kiekjes geschoten. In 'straattaal' liepen we de Oosterspoorbaan af, links de Abstederdijk in, vervolgens de eerste rechts. Dat was de Looierstraat, nooit van gehoord. nooit geweest, nu wel. Daarna rechts de Tolsteegsingel op, waar we ineens die toren en het bijbehorende gebouw zagen en moesten lachen.
    Jarenlang reden we er voor langs op weg naar de kerk. Nu pas viel de schoonheid ons op, Koninklijk Caritas lnstelling de stad Utrecht (KCU) mocht er zijn. Google wilde er zoals gewoonlijk veel meer over vertellen, maar jij mag dat zo nodig zelf opzoeken, terwijl ik de leuke straatnaamborden met Nijtje vereeuwig.
    Het gebouw, gezien namen we de eerste weg rechts, de Parallelweg en kwamen achter het gebouw op 30 meter van de Oosterspoorbaan uit.
    ,,Dus eigenlijk hebben we enorm omgelopen, want kijk, als we hier de straat in liepen, kwamen we achter het gebouw en daar is de poort die we net van de andere kant al zagen,” merkte ik op met een toontje van: lekker bezig.

 

  
  

Minstroom
Even later vroeg ik:
    ,,Marcel, ligt hier het Wilhelminapark dichtbij" Hij keek op de Maps van Google en zei:
    „Beste wel, hoezo?”
    „Ik ben daar nog nooit geweest, is het een volgende D-tour waard?"
    ,,Waarom niet? We kunnen gaan en staan waar we willen. Het Griftpark wacht wel."
    ,,Daar uitrusten kan ook een half uur later.”
    Tot onze verrassing ontdekten we het wandelpad langs de Minstroom. Zo leuk! Daar kanoden we al een paar keer doorheen, met de wens dit pad eens te zoeken en bewandelen. Tada! Hier waren we.
    We kozen dit pad tot we de Piet Heinbrug over moesten en liepen aan de andere kant over de Zonstraat verder. Tot aan de Homeruslaan, waar we links afsloegen. Alsmaar het water volgend.

 

 

Wilhelminapark
De Homeruslaan werd belachelijk snel de Mecklenburglaan, waar we de boel al evengoed snel voorbijliepen, want links wachtte ons de Nicolaasweg tot aan de Abstederdijk. Ja ja, die hoorde je al eerder langskomen. Het bewees alles van we-volgen-onze-neus, wat duidelijk niet de snelste, maar wel route touristique was. De mooiste dus, in onze ogen. Sowieso, de spontaanste.
    We volgden het water tot we weer de Mecklenburglaan bereikten, gingen links en heel snel rechts en liepen de Rembrandtkade op. Daar bewonderden we de Sint-Aloysiuskerk. Jammer dat een paar grote bomen in de weg stonden. Nog jammerder; ik had mijn bijl niet mee.
    Nog altijd het water volgend, bereikten we de Colignybrug, waar we links af over liepen, zo de Louise de Colignystraat in. Nu rechtdoor, waarna we zo het Wilhelminapark in liepen.
    Het was druk! Het ene feestje na het andere werd gevierd. Versierde tafels, partytenten en muziek waren overal.
    ,,Zou het opvallen als we gewoon ergens bij gaan staan?”
    ,,Waarom zou je?”
    ,,Gratis drankjes, schatje!”
    ,,En hoe wil jij je aanwezigheid verklaren?”
    ,,Door te zeggen: Ik hoor bij de bruid.” Alleen zagen we haar niet. Toch maar niet gedaan.
    We besloten de drukte te laten en namen het rustigste pad; de buitenrand tot we bij de grote vijver een vrij bankje zagen. Van waar we zaten bleef het leven achter ons en het water voor ons. Een goede plek om te pauzeren, met een appeltje en drankje.


Waterlinieweg
Het park uit viel een muurtekst aan de Koningslaan op. Deze slingerde ik op de foto om vervolgens de andere kant op, de Oudwijk op te lopen in de richting van Rosarium Oudwijk. Hier plofte Marcel opnieuw op een bankje, waar ik een rondje Rosarium liep. Prachtig al die rozestruiken, bankjes en pergola’s.
    Het Rosarium uitgelopen lonkte een volgend stuk groen. Het bleek, al lopend, een pad rondom Begraafplaats St. Barbara te zijn, en leidde ons langs een andere gedeelte van onze kano-vaarroute, vlak bij plas de Zilveren Schaats. Een ongelooflijk dicht stukje natuur dat naast de drukke Waterlinieweg lag. Door de natuur beseften we bijna niet waar we waren. De goede kant op kijkend zagen we vooral natuur en niet de volgespoten geluidswal.
    We liepen verder langs het water, niet wetend waar het toe leidde, om aan het eind niet verder te kunnen dan terug of onder de Waterlinieweg door en maar zien waar we uitkwamen. Wij zijn niet van dezelfde-weg-terug types, dus vervolgden onze tour over het fietspad langs de Waterlinieweg en bewonderden even verderop de tegels in de Berenkuil. Een klus waar Marcel eens aan meewerkte. Ik verbaasde me er vooral over hoe diep de bussen onderdoor reden om zelf verder lopend en met moeite niet de rijen tegels tellend, de tunnel door te lopen richting de Biltstraat. Wie kent die niet van monopoly?


 

  


Beeldenlaan
We kozen voor de eerste weg links, de Museumlaan in en helemaal uit, want daar lag de Maliebaan met de beeldenlaan. Vaak langs gereden nooit bij stil gestaan. Het werd tijd.
    Het ene beeld volgde het andere. We lazen ieder bordje dat erbij stond. Ook weer iets waar manlief bij betrokken was. En eerlijk? Die bordjes lezend bij wel of geen mooi beeld, vond ik het van grote creativiloosheid getuigen dat een kunstenaar een werk maakt zonder titel of naam. Hoezo? Als iemand niet creatief genoeg is om een naam bij zijn werk te bedenken laat dan maar zitten. Ik noem verder ook geen namen, maar hé, ik pretendeer geen Maliebaanwaardig beeldmateriaal te maken en daar te stallen zonder naam. Ook niet met naam, maar dat is een ander verhaal.
    De leukste kunstwerken deel ik even. Alhoewel bij de eerste foto ik niet het kunstwerk, maar de tekst op de sokkel het leukst vond. … and life (het hoekje om) just goes on… Zoals ook deze blog.


 

Hartje Utrecht
Aan het eind van de Maliebaan vervolgen we onze route rechts, de Maliesingel op tot de eerst brug links, de Herenbrug. Die liepen we over, de Herenstraat in, met in onze herinnering de vele voetstappen daar gezet toen we in het verlengde van deze straat naar de kerk gingen. Ooit…
    We bereikten de Korte Nieuwstraat, waar we rechts richting het Domplein, de Domtoren en de Domkerk liepen. Bij de Domtoren viel ons op hoe gaaf de panelen er omheen nog waren. Geen spoortje graffiti stoorde het beeld. Het bestaat.
    We liepen onder de toren door, de Zadelstraat in en door tot aan de Mariaplaats, staken de weg recht over en liepen Pandhof Sainte Marie in. Voel je de haast? Het was druk en we voelden zoveel onrust in hartje Utrecht. Het Pandhof was ondanks de vele mensen en alle bankjes die bezet waren een oase van rust. Tussen de gebouwen door liepen we richting de Mariahoek en kwamen opnieuw uit op de Mariaplaats.
    We beseften dat het mooi was. We vervolgenden onze weg de Marga Klompébrug over, het Moreelsepark in tot we rechts het stationsgebied zagen liggen.
    ,,We nemen de roltrap,” hoorde ik naast me en knikte.
    De roltrap deed het niet, we moesten de trap op. Zei ik dat we de drukte voelden? Dat was nog niets bij wat we voelden in onze benen. We waren klaar. Utrecht Centraal Station bereikt en kozen het hazenpad, oh nee, spoor 21. Lekker weer naar huis.


  




 

 
Griftpark
Oh wacht, helemaal het Griftpark vergeten.
    Doen we die de volgende keer.


Tot de volgende tocht,
Ireen

ps. Route van bijna 10 kilometer zien? Klik hier