zondag 19 januari 2020

Metamorfose


    ‘Wil je me vanaf nu waarschuwen als je gaat zeuren?’, zuchte Marcel.
    ‘Waarom zou ik dat doen?’
    ‘Dan kan ik maatregelen nemen.’
    ‘Alsof ik vooraf weet dat ik ga zeuren. Wat een gezever. Het is juist waarom ik jou heb; om tegenaan te praten. Boeien dat jij het zeuren noemt. Bovendien kan ik beter tegen jou piepen dan tegen de buurvrouw, postbezorger of een opgezette hertenkop. Wat zullen zij wel niet van me denken?’

Etalagepop
Het lijkt me trouwens geweldig om eens tegen zo’n kartonnen figuur of een etalagepop aan te zeuren. Ik ben niet goed in het ter plekke bedenken van een smeuïg verhaal over de buurman van mijn zus en daar de moeder van waarvan de tante haar zwager en daar de schoonmoeders ex bla bla bla…
    Bedenk ik dat ik maar zo mijn lief op een idee breng. Komt meneer de baas van een reclamebusiness maandag aan met een kartonnen figuur van zichzelf en zet die voor me neer.
    ‘Tada, je zeurmaatje.’
    ‘Wat heb ik daar nou aan?’
    ‘Kun je tegenaan zeuren. Hij is geduldig als een dooie mier.’
    ‘Waarom denk je dat ik zo graag tegen jou praat?’
    ‘Nu je het vraagt, waarom?’
    ‘Jij luistert.’
    ‘Dat bewijst mijn gave: doen alsof ik luister.’
    ‘Wat? Doen alsof? Je knikt ja en zegt nee op het goede moment.’
    ‘Ja, goed hè?’
    ‘Dus eigenlijk luistert de huisarts beter dan jij?’
    ‘Maak gelijk een afspraak, kan hij gelijk even naar je vinger kijken.’

Winterdip
Dus stak ik een dag later mijn middelvinger op naar een vervangende huisarts. Nee, ik stak ‘m niet op zoals jij nu denkt. Ik stak zijn vier buurtjes mee op, waarop de arts beaamde dat de middelste niet normaal oogde. Iets met een ontsteking. Ze schoot er een recept met een ontstekingsremmer op af. Ik slik het maar gelaten.
    Even bedacht ik: hier zit een vrouwelijke arts, zal ik nog even doorzeuren? Ik besloot van stoel te steken.
    ‘Ik wil nog even delen dat het allemaal niet echt kaas en hagelslag is - mijn buitenkant loopt niet synchroon met de binnenkant. Samengevat: ik verloor ergens onderweg mijn sparkle.’ Ik vergat te vermelden dat een deel van mijn mineur, zo’n 50%, winterdipgevoelig is. Ondanks vele wandelstappen zakt de bewolking dagelijks in mijn psyche, waardoor ik niet persé en overtuigd verfrister thuis de drempel over stap. Het bewijs landde toen ik afgelopen week een uur in de zon wandelde. Ik voelde zowaar de schittering van mijn vervlogen sparkle een beetje woelen. Zo wist ik dat ze er nog is, echter diep weggestopt onder een bedekking van zonafwezigheid.
    Weerafhankelijkheid stinkt!

Megamorfose
Blijft 50% tranendal over. Daarvoor zocht ik bevestiging van de arts. Ik vertelde over emotionaliteiten die het plafond raken; een lontje dat niet kort, maar volledig verdwenen is en opvliegendheid die zelfs mij beangstigt. Nee, ik bedoel niet de opvliegers die me te pas en te onpas oververhitten. Dit gaat over onherkenbare boosheid die onredelijk en buitenproportioneel onverwacht hard ontploft. Waar komt dit vandaan? Wie ben ik? Ik vind mij zo niet leuk. Geef mij mijn mij terug!

Meelijwekkend
Zo zat ik afgelopen week met emoties tot het bovenste wolkendek.
    ‘Mam, het geeft niet, je zit in je metamorfose,’ klonk Benjamin meelijdend.
    ‘Pubertijd 2.0 is net als pubertijd 1.0 één brok ellende. Ga ik echt op herhaling als brok chagrijn, nu opgeteld met boosheid, gefrustreerdheid en het legen van overlopende emotievolle emmers?’
    ‘Ach Irene, deze megamorfose gaat voorbij’ zei manlief en aaide me op mijn rug.
    ‘Mega is het, mega niks. Ik wil mijn glans terug!’
    ‘Mama, droog je tranen maar even,’ troostte Celine me met een zakdoekje.
    ‘Stomme hormonen! Beginnend bij pubertijd 1.0 met de jarenlange maandelijkse maandverbandparty tot gevolg. Dat loopt over in de hormooncrisis en kraamtranendagen rondom zwangerschap en bevalling, waarna ik mezelf maanden kwijt was om weer goed en wel hersteld voor een tweede te gaan. Rol ik nu met mijn 45+ de volgende hormonencircus in; pubertijd 2.0. En waar zit ik naast? Een midlifecrisis!’
    ‘Mam, neem alsjeblief de hele tissuedoos!’, zei Celine.

Zeurwaarschuwing
Zo ontstond bij manlief de vraag:
    ‘Wil je me de volgende keer waarschuwen als je gaat zeuren?’
    ‘Als ik je waarschuw, wat doe jij dan?’
    ‘Dan ga ik muziek luisteren.’
    ‘Maar dan luister je niet naar mij!’
    ‘Ik doe alsof en zeg af en toe ja, schud nee of hum een beetje.’
    ‘Heel geloofwaardig.’
    ‘Gelijk even testen?’ vroeg Marcel terwijl hij zijn oortjes in deed. Hij luisterde naar Waylon. Ik vertelde hoe zot ik manlief en zijn idee vond en stelde vragen als: hoor je me? Is de muziek leuk? Wat voor weer krijgen we morgen? Wil jij vanavond koken? Toen ik mijn mond niet meer bewoog, vroeg Marcel:
    ‘Ben je uit gezeurd?’
    ‘Ja, het hielp me enorm.’
    ‘Oh? Hoezo?’
    ‘Ik vroeg of jij gaat koken.’
    ‘Oh.’
    ‘Je zei ja.’



zondag 12 januari 2020

Gesloten


Met de boodschappentassen in de ene hand, mijn sleutels in de andere en mijn boodschappenlijst (de Appie-app, dus mijn phone) in mijn jaszak ben ik er klaar voor om boodschappen te doen. Besef even dat het mijn favoriete bezigheid is na bankhangen.

Praatjes
Ik verheug me op het bijkletsen bij Rene of Peter van de Sterpoelier en vervolgens met verschillende mensen van Albert Heijn. Ik vraag me ineens af waarom ik meneer Albert al jaren mijn grote vriend noem. Ik heb hem nog nooit gezien, laat staan gesproken. Terwijl de mensen die onder hem werken betere vrienden zijn dan hij. Bestaat hij eigenlijk wel?
    Het maakt mijn rol meer dan duidelijk. Het is er één van eenrichtingverkeer. Ik sponsor me suf. Niks meer en niks minder. Gelukkig zie ik per sponsorbedrag boodschappen in mijn fietstassen verdwijnen. Wel blijft het zuur dat ik ongeacht het bedrag alle boodschappen zelf uit moet zoeken, uit de schappen moet pakken, ze scan en in mijn tassen pas. Ja het is passen en meten, want zolang alles in mijn tassen past, schuif ik de boel moeiteloos in de fietstassen. Het is boodschappenwiskunde en bewijst hoe handig ik ben. Gelukkig maar, want bij het overhevelen van de boodschappen blijven de spierballen van mister Appie ook onzichtbaar. Die vriendschap gaat de schappen in, ik kies zijn personeel. Die zijn onmisbaar leuk!

Opschieten?
Zit ik weer te praten over, terwijl ik nu echt boodschappen moet doen. Alleen!
    Benjamin wil al heel lang niet meer mee. Hij vindt een dolletje bij de appels, een praatje bij de magazines en hard gelach boven een petit cereales allang niet meer leuk. Iets met tijd dat versleten wordt voor alleen maar wat zuivelproducten, schoonmaakmiddelen, maaltijden en fruitschaalvulling. Mijn dochter besteedt liever tijd aan studie, hobby en vriend. Nou ja, liever aan studie? Niet dus, dat moet. Zo ga ik alleen en treur ik niet. Ik neem lekker de tijd.
    En nu ga ik echt. Stap op de fiets richting winkel en bedenk onderweg ineens: Oeps, mijn Appie is  gesloten. Als ik niet van richting verander, loop ik tegen gesloten luiken en verdwenen schappen op. De winkel wordt vernieuwd.
    Wordt ik zomaar naar zijn broer in het Oude Dorp doorgestuurd, hij die in de nieuwe AH commercials is gespot. Misschien spot ik de nieuwe manager wel. Dat klinkt leuk, maar ik verheug me minder op mijn wandelroute door de winkel. Met wie moet ik socializen? Ik ken ze daar niet. Voor twee weken nieuwe relaties opbouwen en weer afscheid nemen, past me niet. Ik mis gewoon mijn peoples. Hoewel elk voordeel iets heeft met een nadeel: ik ga weer eens ervaren hoe het is om op te schieten. Dat kan maar zo bevallen.

Karreweg
Dat opschieten mislukt onderweg al, want ik moet verder fietsen. Ik parkeer snel mijn fiets naast de winkel en wandel naar binnen.
    Waar zijn de karretjes? Even springt mijn hart op, is dit dan eindelijk een AH waar je met de fiets binnen mag, vullen maar die fietstassen! Ik blijf het een fantastisch idee vinden. Fietsen we aan het eind de kassa’s voorbij.
     Hoor ik ineens een karretje links van me. Hé, een karretje, waar gaat die heen? Dan zie ik een heleboel karretjes, natuurlijk, ze staat buiten. Dat wist ik.
     Eenmaal binnen, scan ik mijn bonuskaart, krijg een handscanner toegewezen en ga er voor. Ik wil nu echt de verloren tijd van langer fietsen en de karzoektocht inhalen.

Onvoldaan
Wacht, eerst de looproute in de app veranderen, die is hier overduidelijk anders dan in mijn eigen AH. Ik ga bijna huilen. Ik mis ‘m echt. Zeker na de ontdekking dat er niets van klopt. Wat een doolhof. Groente en fruit zijn zo gevonden, maar waar staat het broodbeleg? Ik loop de hele winkel terug. Hoe ben ik de augurken voorbij gelopen? En loop weer heen, want waar ligt de feta?
    Het kost allemaal zo enorm veel tijd. Het lijkt alsof ik langer dan ooit bezig ben. Ik voel me totaal onvoldaan. Hoewel ik wel meer stappen heb gezet. Het weegt echter niet op tegen de praatjes die er anders zijn. Mijn keel is droog. Ik mis mijn contacten!

Nieuwsgierig
Ben ik eindelijk bij de kassa, ben ik benieuwd of mister Appie zich aan zijn woord houdt. Hij beloofde 10% genoegdoeningskorting voor het gemis van de eigen plek en praatjes. Ik hang de handscanner op zijn plek, scan mijn bonuskaart opnieuw en zie het bedrag. Ik kijk verschrikt in de tassen. Serieus? Dit is een koopje! Zelfs mijn hoofdsponsor zal trots zijn. Ja, wat denk jij? Ik word natuurlijk ook financieel bijgestaan en korting, daar houdt hij van. Wordt mister Appie ineens zijn maatje.
    En ik? Het gemis van mijn wekelijkse praatjes met Appies favoriete personeel wordt verzacht. Ze moeten uitkijken, ik kan hier wel aan wennen.


zaterdag 4 januari 2020

Voorspellingen


Het jaar begon goed! Benjamin telde bij zijn nieuwjaarsduik in bed, tien vingers, twee ogen en geen schade aan kleding of ander materiaal. Dat maakte mij een gelukkige mum. Ondanks vuurwerk was hij safe.

Weg ermee
Voor de rest mag vuurwerk wat mij betreft de prullenbak in. Hoewel ik vanuit de serre echt geniet van mooi sierspul, weegt mijn plezier niet op tegen de opvolgende ellende. Ik hoorde over 15 miljoen schade aan privé eigendommen en hulpverleners die het opnieuw moesten verduren. Het verknalt mijn fun van oud-en-nieuw. Doven de boel. 
    Ik vraag me af hoe lang mensen er nog voor kiezen om hulpverlener te worden. Mij niet gezien. Ik durfde laatst een gast die achteloos de folie van een pakje sigaretten uit zijn hand op de stoep dropte, niet eens aan te spreken. Nu schaam ik me en besluit een volgende keer zonder woorden de rotzooi van de grond te rapen en weg te gooien.
    Ik ben blij met mensen die hulpverlener willen worden en roep op tot een daverend applaus!

Voorspellend
Nou ben ik een flapdrol die de start van het nieuwe jaar ziet als beeld voor het komende jaar. Begint het goed, blijft het goed. Start het slecht, berg je dan maar.
    Het begon slecht, vind ik. Met regen, nattigheid en buien. Als mijn theorie werkt, wat het gelukkig niet doet, maar stel, dan krijgen we een nat jaar.
    Onder andere door de regen haalde ik de eerste dagen van het jaar met moeite (eigenlijk niet) mijn dagelijkse wandeldoel. Ik was nog zo van plan het beter te doen en nam manlief er in mee. Ik hield hem onder de arm! Ja echt, met mijn arm in de zijne, zit zijn arm onder mijn arm toch?
    Mijn voornemen het jaar goed in te wandelen mislukte. Zo snel al, ik schaam me een rotje. Niet getreurd, vanaf maandag begint het gewone leven weer en ga ik ervandoor. Het is wat ik nodig heb. Je zou eens moeten zien hoe mijn off-humeur (als ik die heb) opkrabbelt tijdens het lopen en hoe ik thuis sprankel als een gekleurde fontein.

Grieperig
Of niet, want madam is ziek! Dat startte vóór oud-en-nieuw en het is er nog niet beter op geworden. Het idee van hoe het jaar start, staat voor de rest van het jaar, wordt hoog de lucht in geschoten. Ik ben zeer ongeschikt om het hele jaar in bed te liggen. Het idee maakt me al depressief.
    Optimisme helpt me beter: de zon gaat heus schijnen. Of krijgen we dan sneeuw? Alsjeblief dan toch voor één dag. Eén dag in bed trek ik wel. Daarna moet de sneeuw weg en kom ik er weer bij.

2020
Over het nieuwe jaar gesproken. Je leest wel tweeduizendtwintig hè? Niks twintig-twintig. Zo leuk dat ik daarin meekom met de meerderheid in een poll van OnzeTaal.nl. Ik kan dwars zijn, maar niet in deze. Let dus extra op bij het lezen, er staat tweeduizendtwintig, laat me niet ontdekken dat je twintig-twintig leest, dan word ik boos!
    Afijn, het jaar is begonnen, mijn humeur optimistischer. We hoeven niet in rewind. Beter kijken we even vooruit. Dat lijkt me altijd het beste. Door terug te kijken verandert niks, neem alleen de les mee.

Verwachtingen
Even kijken wat ik verwacht van 2020.
    Ik verwacht een fantastische zomervakantie. Ons reisdoel is bekend sinds onze vorige zomerbestemming. Met de toenmalige tegenvallende resultaten, kiezen we voor betere vooruitzichten. Minpuntje is dat Celine niet mee gaat. Zij trekt haar eigen plan. So far klinken ze leuk. Vooral omdat ze dit jaar haar rijbewijs haalt. Waar is de confetti?
    Oh nee, wacht, ze moet nog afrijden. Ik deel geen datum of tijd, maar in 2020 wint zij het felbegeerde roze pasje. Daarmee raakt mijn auto uit mijn oog. Wat extra goed is voor mijn billen, want naast wandelschoenen is daar mijn fiets. Moet ik toch de regen weer in. Liever eerst de vakantie definitief boeken.

Vriendin
In 2020 krijgt Benjamin een vriendin. Hoewel hij gefocust is op 1.000.000 abonnees op zijn YouTube kanaal, de tussenstand is 134.000, hoop ik op een lieve vriendin. Met zes aan tafel zitten staat leuker dan met vijf. Oh wacht, dan raak ik mijn puzzelplek kwijt. Toch maar geen vriendin voor die jongen.

Zekerheid
Wat betreft Marcel verwacht ik stabiliteit. Hij blijft! Dat hoop ik tenminste. Ik kies er bewust voor om niet stil te staan bij wat mis kan gaan in een jaar. Wat komt, komt.
    Zo blijft één ding zeker: we houden geld in the pocket. Wij winnen de Staatsloterij namelijk niet, want we kopen geen lot. Zouden we dat lot wel kopen, dan is de kans dat we winnen net zo groot.
    Wat blijft? Afwachten hoe het jaar verloopt, voor ieder van ons.
    Op een knallend 2020! Denk er om: tweeduizendtwintig, hè.



zaterdag 28 december 2019

Puzzelen


Wat is het soms toch een gepuzzel, zeker als het in 1000 stukjes ligt en alle blauwe stukjes op elkaar lijken. Afwisselen naar groen werkt al niet veel beter. Dan nog de stukjes die het katje vormen. Al dat haar! Ja een katachtige, de puzzel toont een schattig poesje.
    Zei ik trouwens iets over een stijve nek? Puzzelen is niet goed voor je nek!

Ontstaan
Het begon allemaal bij een vrouw die ik interviewde. Het blijft een feestje mensen te ontmoeten. Hun verhalen te horen maakt het extra bijzonder en dan nog een hobby herkennen? Dat had ik nooit ingepuzzeld. Het is de slagroom. Bij het betreden van haar huiskamer, wilde ik bijna het interview skippen en puzzelen aan de Ark van Noach bestaande uit 3000 stukjes. Ik koos toch het interview om bij thuiskomst Celine te vragen:
    ‘Heb jij in je overvolle kamer een puzzel?’
    ‘Ja hoor mama!’ Ze stoof naar boven en kwam terug met een puzzel van 1000 stukjes.

Vrije tijd
Niet dat ik omkom in vrije tijd. Sterker nog, ik kan me beter sterk maken voor de eis van de dagelijkse 10.000 stappen. Veelal lukt het nog, maar soms is het te nat, ben ik te lekker bezig en ontbreekt af en toe de puf. Smoes één, te nat, is werkelijk belachelijk. Ik heb een nieuwe regenjas. De andere twee vragen om doorzetting. Dat lukt me met genoeg wil; ja, ik wil!
    Die keus gemaakt, nam ik de puzzel van Celine aan.
    ‘Ik doe mee hoor mama,’ zei madam en samen ontruimden we de eettafel om te ontdekken hoe groot de puzzel werd. We zochten alle randjes en legden ze in elkaar. De puzzel kostte een derde van de tafel waarbij vijf zitplaatsen overbleven. Precies genoeg zolang Benjamin geen vriendin heeft. Was manlief blij, want we kunnen aan tafel eten en puzzelen.

Unstopable
Celine en ik pakten ieder vrij moment om puzzelstukjes te passen. Zelfs tijdens het ontbijt en avondeten gingen onze ogen richting puzzel. We pasten hier en daar stiekem een stukje. Soms stond ik in mijn uppie over de tafel geboden, dan weer zat Celine in haar eentje te puzzelen. We lieten alleen los zodra de plicht riep. Die moest hard roepen.
    Zelfs ’s avonds vóór bedtijd paste ik puzzelstukjes in elkaar. Wist ik veel dat ik na een kwartiertje puzzelen ook nog eens veel beter slaap? Ontdekte ik ineens een tweede remedie tegen inslaaptrouble: de eerste is lezen tot de ogen zwaar worden en ik manlief zwaar hoor ademen, de andere is puzzelen in mijn enige uppie. Gedachteloze puzzelrust is wonderbaarlijk goed voor madam-ik-kom-moeilijk-tot-rust.

Testmoment
Tot ikzelf onderworpen werd aan een interview. Ons kind-aan-huis, ik schreef wel meer over onze huisvriendin, wilde me uithoren over de Whatsapp Buurtpreventie, de wijkagent, mijn gevoel van veiligheid en meer voor haar opleiding in de veiligheid. Ze kwam samen met een medestudent die eerder vertrok. Daarna viel het oog van ons kind-aan-huis op de puzzel.
    Wil je een lang verhaal kort? Ze vertrok pas toen ze echt moest eten om op tijd bij een afspraak te zijn. Tot die tijd sorteerde ze puzzelstukjes op vorm en kleur, wat het puzzelen versnelde en ging los.
    Ziehier de test om iemand te leren kennen: pak er een puzzel bij. Kijk wie rustig gaat voor het proces en ontdek wie met een blik op oneindig gaat voor het eindresultaat.

Wending
Een dag later, vergezelde ze ons naar onze kerstdienst. Achteraf snapte ik waarom; ze wilde verder puzzelen. De slimmerik. Ik had andere dingen aan mijn hoofd en Celine was bij haar lief, daarom ging kind-aan-huis ongestoord haar gang. Wat zeg ik? Vier uur later liet ze mij werkloos achter. De puzzel was gelegd. Het was klaar!
    Wacht, nee. Na haar vertrek bracht ze binnen vijftien minuten drie nieuwe puzzels in één doos. Die bleef dicht tot vandaag, want met de kerstdagen wilde ik de tafel vrij kunnen gebruiken. Wel gaf Celine me een klein tussendoorpuzzeltje. Die telde 300 stukjes. Echt flauw, maar zeer geschikt om in één avondje uit te spelen. Het werd een latertje gisteravond, dat wel.

Wens
Neem ik mijn eerdere uitspraak over lekker slapen terug: ik sliep afgelopen nacht verschrikkelijk. Ligt dat in de spanning van een nieuw jaar op de drempel? De onbekende nieuwe uitdagingen, leuke verrassingen en spannende teleurstellingen? Ze liggen op de loer om uitgepuzzeld te worden.
    Waar soms de oplossing in één avond gevonden is, lijkt andere keren de uitkomst eindeloos ver weg. Ik blijf geloven dat op een dag het laatste stukje wordt gelegd.
    Wel leerde ik deze les: hoe graag ik ook alleen puzzel, soms is samen doen echt beter, sowieso gezelliger. Dat geldt vast net zo goed voor de oplossingen van de puzzels in het nieuwe jaar.
    Ik wens je ten diepste een mooie uitkomst voor 2020. Puzzel ze!



Onze kerstgroet nog niet gezien? Bekijk het hier:




zondag 22 december 2019

Spiegel


Stond ik net met mijn handen in het afwaswater, ging de deurbel. Marcel beantwoorde de call, maar draaide zich eerst nog naar mij:
    ‘Goed luisteren, hier leer je van.’
    ‘Ah, leuk, een cursus afpoeieren.’ Mister Afwimpel opende de voordeur:
    ‘Goedenavond.’
    ‘Goedenavond meneer, goed dat ik u aantref! Hoe gaat het met u?’, klonk de ander. Oh boy, dat was de foutste openingszin. Alsof mijn lief zou zeggen hoe het met hem ging.
    ‘Wat wil je verkopen?’, vroeg hij beangstigend koel.
    ‘Ik wil niets verkopen.’
    ‘Dan zij we nu uitgepraat. Fijne avond.’ Marcel gooide de deur dicht en stapte de kamer weer in. Dat was niet bot. Zo doe je dat met ongevraagde verkopers. Waarom het gesprek aangaan? Ik hoop ooit mee te maken dat mijn lief juist iemand aan de praat houdt. Hij lijkt me er perfect toe in staat.

Vasthouden
Ik hield er geen rekening mee, dat ik die kans zelf kreeg.
    Ik wandelde vorige week om tien uur ‘s ochtends in Utrecht centrum. Kerstverlichting sierde de straten. Ik was zo goed als alleen. De rust waar het anders druk is, voelde goed. Klonk daar ineens:
    ‘Goedemorgen!’ Ik schrok op. Wie zei dat en tegen wie? Het gold voor mij.
    ‘O hoi.’
    ‘Wilt u een zeepje ruiken?’ In een nanoseconde stelde ik mezelf de vraag: speel ik dit mee of mag ze in de zeep zakken? Ik koos het eerste.
    ‘Ja hoor.’ De vrouw met een flinke laag make-up op duwde een zeepje onder mijn neus, gevolgd door een tweede geursel.
    ‘Welke vindt u het lekkerst?’
    ‘De eerste.’
    ‘Die krijgt u van me, loop u even mee naar binnen, dan doe ik het in een zakje.’

Instinker
Het begon ineens echt te stinken. Madam kon maar één doel hebben: dat is aan mij te verdienen. Ik bedacht mijn tegenprestatie: ik ging haar tijd verdoen. Het zeepje verdween in een zakje. Ze reikte het aan en keek tegelijkertijd naar mijn hand:
    ‘Mevrouw, verzorgt u uw nagels wel goed?’
    ‘Vast niet.’ Mevrouw tuttebel pakte een-af-andere blok waarmee ze mijn nagel prachtig glad en blinkend wreef. Ik had mijn zonnebril bijna nodig. Vervolgens smeerde madam een olie-tje op mijn nagelriem en kletste er mij-niet-overtuigend op los.
    ‘Mooi he, mevrouw, deze nagel? Dat kunt u altijd zo houden met dit setje dat 40 euro kost.’
    ‘Ja mooi, maar ik vind het niet nodig er zoveel geld voor neer te leggen.’
    ‘Alleen het blok dan, die is 15 euro?’
    ‘Nee, dank je.’
    ‘Heeft u nog even tijd?’
    ‘Ik heb tijd zat!’
    ‘Gaat u dan even zitten. Ik zie dat u last heeft van rimpels.’ Alsof ik dat zelf al niet wist, hield ze me een spiegel voor.
    ‘Och, ze horen erbij.’
    ‘Wat gebruikt u op de huid rond uw ogen?’ Ik wist dat als ik dat zou zeggen, ik zeker geen vrienden werd met deze kletser.
‘Nivea dagcrème.’
    ‘U moet speciale serum gebruiken. Kijkt u die rimpels eens.’ Kwam weer die spiegel erbij.

    ‘Ik ken mijn rimpels.’
    ‘Dat wilt u toch niet? Kijk er goed naar.’ Plopte de spiegel weer op. ‘Mag ik wat serum op uw ooghoek smeren? U wilt toch dat uw huid langer meegaat?’
    ‘Doe je best maar.’ Ze smeerde iets onder mijn rechteroog en tada! Daar was de spiegel.
    ‘Kijk hoe de rimpels verminderd zijn.’
    ‘Ik zie het, ze zijn minder ja.’ Ze bleef doordrammen over hoe goed dit spul was, legde van alles uit over collageen en andere stofnamen en wiebelde geregeld de spiegel voor me langs. Ik stond bijna op het punt dat ding door de winkel te meppen, tot ineens de echte boodschap uit haar mouw schuimde:
    ‘Deze serum kost online 400 euro. Wij verkopen het voor 140 euro.’
    ‘En ik koop het niet.’
    ‘Mevrouw, kijk dan goed in de spiegel.’ Hij bleef komen, die spiegel.
    ‘Ja, ik zie mij.’
    ‘U gebruikt het serum zeven dagen lang en dan een jaar niet. Het werkt als een facelift.’
    ‘Ik hoef geen facelift.’
    ‘Maar uw huid moet nog even mee.’ Tada, de spiegel.
    ‘Dat valt wel mee hoor.’
    ‘Zo oud bent u toch niet?’
    ’Dat ik 47 ben, doet er niet toe. Die serum wil ik gewoon niet.’ Ze viel even stil…
    ‘Om u over te halen, biedt ik u 50% korting.’
    ‘Ik denk dat ik maar weer ga.’ Ik stapte van de kruk en pakte mijn tas van de grond. ‘Ik heb alleen maar je tijd zitten te verdoen. Ik wilde al niets kopen toen ik binnenkwam.’ Even verdween de vriendelijke glimlach…

Gevoeligheid
Weer buiten, vroeg ik me af wie valt voor deze nonsens.
    Had de verkoopster echter meer Irene kennis, dan had ze mijn echte gevoeligheid moeten aanspreken: iets met krullen en dat die goed moeten zitten. Maar ja, bij de eerste en elke volgende blik in de spiegel zag ik: dat zat allang en helemaal goed!


zaterdag 14 december 2019

Zuinigjes


Even mijn hart luchten: ik heb nieuwe schoenen! Zo, dat lucht op!
    Eindelijk verving ik de versleten schoenen voor nieuwe. Nu niet meteen denken dat ik net als alle andere vrouwen… Herstel, even voorkomen dat vrouwen over elkaar buitelen om mij de haren uit mijn hoofd te trekken of hun stilettohak in mijn voet drukken.
    Daarom zeg ik: ik heb niet net als veel vrouwen drie kasten vol schoenen. Ik heb twee paar winterschoenen: wandelschoenen en nette schoenen. Nieuwe nette schoenen.

Zuinig
Eigenlijk heb ik me nooit afgevraagd waarom ik maar twee paar winterschoenen heb. Wel maakt het kiezen gemakkelijk: ga ik vandaag voor degelijk of netjes of allebei? Van ieder één aan, is ook een optie. Klaar! Nu ik mezelf er zo op wijs, denk ik dat het komt door mijn liefde voor sandalen.
    Nee, die draag ik niet in de winter. Zie je me al lopen? Wel hou ik van warmte, daar besteed ik duidelijk liever geld aan. Ik tel vier paar sandalen. Mijn teentjes jubelen vrolijk in mijn sloffen. Ze verheugen zich op de warme seizoenen. Ik verheug me het meest.
    In mijn kast liggen nog een paar fel roze Nikes en een paar pumps. De eerste droeg ik jaren geleden bij fitness, de andere draag ik soms. Ik loop niet graag op hakken.

Koud
Gek hè, de ontdekking dat mijn schoenvoorkeur mijn liefde voor warmte verraadt. Tel daarbij op dat ik schoenen kopen in de winter niks vind. Alles, kleding, jassen en schoenen zijn zo donker. Niks gezellig, alles donker en koud. Ik krijg er koude voeten van. En eenmaal koude voeten, duurt het een eeuwigheid voordat ze warm zijn. Daarom draag ik steeds vaker lange kousen onder mijn broek, daarom draag ik een broek. Ik trek die kousen lekker op tot vlak onder mijn knie in de hoop dat ze mijn beentjes warm houden.

Kuiten
De waarheid is dat ik laarzen wilde, die zijn lekker warm om de beentjes. Als ze om mijn kuiten passen, dan wel. Mijn kuiten zijn echter huge!!! Men noemde ze vroeger fietskuiten, maar ik ben geen fietser. Dat ene jaar dat ik als dertienjarige 26 kilometer per dag fietste van huis naar school en terug, veroorzaakte toch niet zulke onderbenen? Zo wel, dan heb ik nog meer reden om dat ene jaar te haten.
    Anyway, laarzen schreef ik op mijn kuit, ze kunnen niet tot bovenaan dicht. Natuurlijk wel als ik er drie extra geldbuideltjes bij neerleg, maar hé, dan zijn het laarzen die ik tien jaar draag. Ik wil vaker afwisselen. Nu zeggen ze al: daar heb je haar weer, die met de krullen en de rode jas. Daar worden dan die laarzen bij opgeteld.

Bevestiging
Daarom korte zwarte laarsjes. Die passen overal bij.
    Over passen gesproken, tijdens het onderzoeken of ik ze geschikt vond, appte ik mijn hoofdsponsor. Zijn oordeel over mijn schoeisel is belangrijk. Ik hoopte op een snelle reactie, maar om hem wat ruimte te gunnen liep ik nog een extra rondje, keek nog wat rond of er echt niets leukers was en...
    Pling!
  


Mooi, schoenen uit, de doos in en naar de kassa. Die bleek onbemand.
    ‘Ik kom er aan hoor,’ klonk al snel links van me.
    ‘Neem je tijd,’ riep ik terug. Ik ben van geduldig wachten. Meestal wel. Wie haast heeft moet niet achter mij in de rij staan. Sterker nog, ik laat me niet opjutten door snelheidsduivels. Dan had je maar eerder moeten zijn.

Verrassend
Stond toch ineens de verkoper tegenover me. Hij checkte of de schoenen in orde waren.
    ‘Moeilijk hé om de juiste schoenen te vinden als je tussen de 30 en 40 bent?’
    ‘Hoe bedoelt u?’
    ‘Je wilt niet te hippe schoenen maar ook niet van die degelijke oma-schuiten.’ Hij zei het tactischee, maar bedoelde dit wel.
    ‘Meneer, ik ben niet tussen de 30 en 40.’
    ‘Je kunt niet onder de 30 zijn, maar je bent toch niet ouder dan 40?’
    ‘Als je het zo stelt, sta ik zelfs ver aan de verkeerde kant van de 40.’ Als in een reflex schoten mijn handen boven de toonbank, onder zijn kin. Zijn ogen werden zo groot, dat ze bijna uit zijn oogkassen schoten. Ik wilde ze opvangen voordat ze ergens in een schoenendoos stuiterden. Hij hapte naar adem.
    ‘Je sport zeker veel?’
    ‘Als je wandelen meetelt, sport ik zes dagen in de week. Zaterdag is mijn rustdag.’
    ‘Dus wandelen is jouw geheim?’
    ‘Geen idee eigenlijk.’ Het pinautomaat zei piep, waarna ik mijn pasje eruit haalde.
    ‘Wat dan wel?’
    ‘Nivea.’
    ‘Nee.’
    ‘Dan is dit het: ik ben een gelukkig mens.’ Ik krijg een tasje aangereikt.
    ‘Blijf gelukkig!’
    ‘Jij ook!’

Deze man maakte mijn dag. Weg winterdip! Als sokken in de wasmachine. Schoenen kopen is leuk. Volgende week ga ik weer! Oh wacht. Ineens snap ik waarom vrouwen zoveel schoenen kopen!



zaterdag 7 december 2019

Glimlach


Niets

Dan deze paar woorden
Die enkele zinnen vormen
Het maakt nog geen verhaal
Ik weet, het voelt als...

Laat maar
We kunnen beter glimlachen
Dat blijkt minder vermoeiend
Dan nors te kijken


Tot volgende week,