zaterdag 10 april 2021

In de hoek

    ‘And a happy new year!’, of zoiets, zongen Marcel en ik afgelopen week voor een jarige vriend. Een week eerder stond hij met zijn gezin bij ons op de stoep. Dat was om precies te zijn op 1 april. Een dag die niemand vergeet: mijn verjaardag!
    ‘Lang zal ze leven,’ zongen zij. Het klonk beduidend meer uit volle borst. Nogal logisch, zij stonden met vier borsten op mijn stoep. Wij met twee op de hunne. Hoe dan ook maakten we iets van elkaars verjaardag.

Pepermunt

Jarig zijn is niet mijn specialiteit - ik doe er al jaren niets aan. Daarom klonk op de vraag of ik door corona een feestje miste:
    Nope, al jaren niet en toch voel ik me ieder jaar super jarig.’ Dat heeft te maken met deze vriend en zijn gezin en het bosje bloemen en het rolletje pepermunt dat zij me ieder jaar geven. Dat laatste is een terugkerende grap. Ik vroeg aan ons kind-aan-huis (hun dochter des huizes) waar dit begon:
    ‘Geen idee,’ zei ze. ‘Maar dit jaar krijg je dit.’ Ze overhandigde een pakje met drie rolletjes zwart-witjes. ‘Lust je die?’
    ‘Zeker weten, die zijn lekkerder!’, antwoorde ik en had binnen een uur de eerste rol op. Is goed voor mijn lagere bloeddruk. 

Verwend
Net als op andere 1 aprillen volgden meer verrassingen. Zo kwam onverwacht een vriend een bakkie doen en bracht tegelijkertijd Celine thuis. Twee in één zeg maar. Herstel: drie in één. Hij had een bos bloemen bij zich. Van Celine kreeg ik eerder al mijn meest gewenst puzzel: The Starry Night van Vincent van Gogh in Smart Cut versie. Smart is het, walgelijk om te puzzelen, maar oh, wat heerlijk dat ze die voor me kocht. Van Marcel kreeg ik een reMarkable, een E-papertablet waarop ik notities en schetsen kan maken. Echt een dijk van een cadeau voor iemand die veel schrijft voor interviews en nu bomen redt. Van Benjamin kreeg ik een dag later het fantastische boek: De jongen, de mol, de vos en het paard. Hij vergat het 1 april te geven. Juist hij die zegt dat ik onder een steen leef, leeft zelf onder een rotsblok. Daarmee kaatst deze boomer die beschuldigende bal terug! Ligt die lekker weer bij hem.

Geschreeuw
Ik kaatste echter zelf ook een bal. Het rolde echter anders terug dan ik ik verwachtte.
    Hierbij even wat achtergrond informatie: 111 mensen feliciteerden me op mijn facebook tijdlijn waarvan zeven een dag te laat en weer drie anderen twee dagen te laat. Ik liet het met plezier over me heen komen. Dat mensen mijn verjaardag vergeten, maakt me niet uit.
    Hoor ik daar ineens Jeroen Balk schreeuwen vanuit Houten Zuid:
    ‘Wat?! Maakt het jou niet uit of iemand jouw verjaardag vergeet?’
    Schreeuw ik vanuit Noord terug:
    ‘Klopt, tenzij jij het vergeet!’ En steek er mijn tong bij uit.
    Lees gerust even mee wat op mijn verjaardag gebeurde op Feestbook:



Je leest het goed, hij schreef: DEAL! Zo begon het stille afwachten. Foto’s van de hoek bleven uit, daarom verwachtte ik iets anders, hoewel het stil bleef tot afgelopen donderdag. Een appje doorbreekte de stilte met de vraag of ik vrijdagavond of zaterdagochtend thuis was.
    Ik wist dat Jeroen me niet vergeten was, zo is hij niet. Hij houdt woord… Maar niet zonder toch een beetje opvoeren van de spanning. Hij liet nog weten dat de voorpret in huize Balk enorm was. Jaja, dat verhoogt mijn onzekerheid.

Profielfoto
Afijn, terwijl ik vrijdag mijn kookkunsten uitvoerde, zei Marcel ineens:
    ‘Jeroen staat voor de deur,’ waarop Celine naar de deur liep en deze opende. Daarmee kon ik mijn handen even wassen en drogen. Ik dacht nog wel: gelukkig is het geen 1 april, want dan zou ik niet lachend richting Jeroen durven lopen.
    Meneer kwam binnen met in zijn schaduw zijn vrouw en zoon. Alle drie met een grote glimlach en
hij met een flink pakket, dat hij mij in handen duwde. Het openen viel niet mee, daarom pakte ik een mes van het aanrecht om aan alle kanten plakband los te snijden. Bij het openen van het pakket schrok ik, want ik keek warempel mezelf aan. Serieus? Kreeg ik mezelf cadeau?

Chocolalalala
Eenmaal volledig geopend, bleek het cadeau behoorlijk gepersonaliseerd te zijn en nog verder geopend lagen negen chocoladerepen in drie smaken netjes naast elkaar. Zo voelde ik me een week na mijn verjaardag nog jarig, met dank aan Jeroen en co.
    Vroeg Jeroen nog wel even:
    ‘Volgend jaar mag ik toch wel je verjaardag een keer vergeten?’
    ‘Jeroen, jij mag ‘m vijf jaar vergeten, want zoals jij schrijft: dit is slecht voor mijn lijn.’
    Stel dat andersom Jeroen mij had gevraagd: in de hoek of een cadeau, dan koos ik voor de hoek. Daarom nu alvast voor iedereen waarvan ik de verjaardag vergeet: hier de foto van mij in de hoek.









zondag 4 april 2021

Aaibaar

    
‘Marcel, misschien ben ik wel zwanger,’ zeg ik in het besef dat ik zwaar overtijd ben en in breedte wat toeneem. ‘Wil je liever een jongen of een meisje?’ Meneer verslikt zich in een sperzieboon, maar herpakt zich snel.
    ‘Met die mogelijkheid hield ik geen rekening.’
    ‘Ik ook niet, het is wel goed om er even bij stil te staan, toch?’ Hij lijkt even de voor- en nadelen in zijn hoofd af te wegen en antwoordt met:
    ‘Een hond.’
    ‘Slim,’ mengt Lara zich in het gesprek. ‘Een hond heb je maar voor een jaar of 13.’
    ‘Een hond? Dan is er iets heel erg mis gegaan in mijn buik.’ Ik wrijf bezorgd over de bolling onder mijn borstkas.

Avondklok
Terwijl ik mijn buik aai, zit Celine met grote ogen en haar mond wijd open aan tafel.
    ‘Dus je wilt ons niet papa? En wel een hond?’ Ze schreeuwt het bijna uit met een paniekerige piepstem en vochtige ogen.
    ‘Nee, joh, ik heb jullie toch al. Ik wil er niet nog één. Wat ik wel wil is een reden om na 22.00 uur naar buiten te mogen. Dat heet een hond.’
    ‘Maar een baby kun je ook uitlaten,’ gooit Lara in de groep. ‘Er zijn baby’s die alleen door een wandeling in de kinderwagen in slaap vallen.’
    ‘Was ik die baby maar,’ zwijmel ik in het besef dat er een berg werk in de keuken ligt en de kabouters mijn adres nooit lijken te vinden.
    ‘Tot de politie een bon aan de kinderwagen hangt,’ zegt Marcel.
    ‘Nee hoor, mijn vriendin doet het gewoon en wordt nooit bij de luier gepakt.’
    ‘Nee, logisch, ze draagt geen luier en woont in een gat.’

Aaien

Het onderwerp huisdieren lijkt me te achtervolgen. Tijdens een wandeling met Celine loopt een vrouw in onze richting. In haar hand houdt ze een riempje met aan het eind daarvan een klein hondje.* Ik houd wat afstand, terwijl Celine juist op het beestje afloopt en hem aait. Ze geniet ervan, zolang het duurt. Eenmaal verder wandelend zegt ze:
    ‘Momma, weet je hoe satisfying aaien is? Als ik me verdrietig of alleen voel, wil ik een dier aaien.’
    ‘Dat kan ik me voorstellen ja.’
    Even later kruist een kat onze weg. Ben ik evenmin een fan van. Ik kreeg even te vaak de nagels in mijn lijf of een onverwachte uithaal terwijl ik wel lief was. Sommige katachtigen mogen mij blijkbaar niet. Prima, ik vertrouw die priemende ogen ook niet. Zo is het lekker wederzijds. Toch buig ik voorover naar deze kat.
    ‘Hallo kat, wat leuk je te zien. Geniet je ook zo lekker van de zon?’, zeg ik met zo’n piepstemmetje die we ook bij baby’s inzetten. Maf eigenlijk, maar blijkbaar koppelen we dat aan liefde en zachtheid.
    ‘Momma, ik snap niks van jou.’
    ‘Ik ook niet, moet je ook niet willen, maar hoezo nu dan niet?’
    ‘Je aait een kat! Je houdt er niet van en je bent er allergisch voor.’
    ‘Klopt, maar deze kwam gewoon op me af.’
    ‘Echt niet, als jij hem niet had toegesproken, was hij doorgelopen zonder op of om te kijken.’
    ‘Hatsjoe!’
    ‘Kijk daar heb je het al.’

Huisdier
Wat volgt is een gesprek over het feit dat Celine in mij iemand ziet die graag aait en kroelt. En of ze gelijk heeft zeg.
    ‘Momma, ik weet waar jij die behoefte in kwijt kunt.’
    ‘Ja, ik ook.’
    ‘Aan een cavia.’
    ‘Wat? Hatsjie!’ Klink hard over straat. ‘Ik ben allergisch voor hooi en dus is een cavia on-welkom.’
    ‘Oh ja, jammer. Je bent eigenlijk gek op die miep-beesten.’ Madam denkt in stilte na over een volgende optie. Ze zoekt naar een aaibaar dier dat kan leven zonder hooi of stro. Zo zwemt er een vis in haar uitgesproken gedachten voorbij, een schildpad kruipt langs en een leguaan ligt stil. Behalve zoonlief die blij opleeft bij het idee van deze diersoortigen, bedenken Celine en ik:
    ‘Ze zijn helemaal en totaal niet aaibaar.’
    ‘Momma, een koe! Die is aaibaar. Ik zie jou wel koe-huggen.’
    ‘En hooischudden in de stal zeker.’
    ‘Tjonge wat is dit moeilijk zeg. Een paard is teveel werk…,’ ze blijft even stil. ‘Oh, ik weet het. Een vogel.’
    ‘Echt niet, de hele dag dat getjilp in huis. Ik wil juist stilte! Ik denk dat ik mijn aai-behoefte maar op mijn bankstel afreageer, een dier wordt ‘m niet.’
    ‘Dus het idee van een huisdier moet ik maar echt verbannen?’
    ‘Ja, het lijkt me het beste om dit hele gesprek zo snel mogelijk te vergeten.’
    ‘Dan moet ik maar een vriend, die kan ik aaien.’
    Are you serious?’
    ‘Nee, mama, ik ben er nog niet aan toe.’
    ‘Jammer, ik ben er wel aan toe het huis weer meer voor mezelf te hebben.’
    ‘Nou momma, dan hoop ik voor jou dat je sowieso niet zwanger bent.’


* Op de foto pronkt Eefje, de hond van instagramvriendin en naamgenoot Irene van der Velden. Bedankt meid voor de vrolijke foto. Aai voor Eefje. En hieronder nog eens Eefje, bij mw. Koe. De stoere Eef!